Welkom


Welkom op mijn trektochten en wandelweblog. Na maanden van trainingswandeltochten maak ik eenmaal per jaar een trektocht. Meestal in de bergen. Het verslag daarvan zet ik op dit weblog. In 2011 heb ik er voor gekozen ook de dagwandelingen in aparte blogberichten te publiceren. Tegelijkertijd rijg ik die berichten op een afzonderlijke pagina aaneen tot een compleet verhaal. (Zie de rechter kolom). Mijn bedoelingen met deze verhalen staan te lezen in 'Over mij', hieronder in de linker kolom. Veel lees- en kijkplezier.
Groet Frans

Verslag Tour du Mont-Blanc (TMB) 2014

Mont Blanc gezien vanuit Val Ferret


Massief Rondje

Als je over de Tour du Mont Blanc leest werpen de gidsen je binnen drie regels het woord massief toe en hopen daarmee dat je weet waar het over gaat. Ik heb al in verschillende berggebieden gelopen, maar blijkbaar was er toen niet sprake van een massief. Ga je kijken in een digitaal woordenboek dan ontstaat er wel een gevoel maar nog niet echt een beeld; 
1) Berggroep 2) Bergmassief 3) Bergformatie 4) Bergketen 5) Compact 6) Dicht 7) Deugdelijk 8) Fors 9) Goed gevuld 10) Hecht 11) Hard 12) Helemaal van hetzelfde materiaal gemaakt 13) Niet hol 15) Ondoordringbaar 16) Potig 17) Robuust 18) Solide 19) Sterk 20) Stevig 21) Struis 22) Vast 23) Vol 24) Zwaar gebouwd. 
Uit http://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/MASSIEF/1

Het moet dus blijkbaar iets zijn als een grote klont bergen. Tot zover mijn vertaling.

Moeilijker wordt het als je ingaat op een link naar het woord 'geologisch massief'.
Een massief is in de geologie een gebied waar oude gesteenten ondieper liggen dan in omringende gebieden, of meestal zelfs aan het oppervlak komen. ...Massieven zijn door tektonische beweging omhooggekomen ten opzichte van omringende gebieden, die meestal minder harde en/of jongere gesteenten bevatten. (bron: Wikipedia).
16aug2014 De besneeuwde Mont-Blanc vanaf het wandelpad tussen La Flégère en de Brévent 
Het was vooraf al mijn inschatting dat je om een 'klont bergen' heen kunt lopen. Anders was het ook geen Tour. Verder kwamen wij tijdens de wandeling een informatiebord tegen waarop in eenvoudige tekeningen de geologische beschrijving werd uitgelegd. Het beste kun je er dus gewoon maar naar toe gaan. Dan heb je snel in de gaten wat ze, de schrijvers van gidsen, wetenschappers en andere site-vullers, bedoelen met een massief. 


Keuze
In mijn verslag over onze GR 20-tocht op Corsica in 2013 noemde ik dit nog pompeus 'Keuzeproces', om even later vast te stellen dat het eigenlijk geen proces was geweest. (Wandelen GR 20 - Corsica; Keuzeproces, omschrijving, voorbereiding en training).
Ook bij de Tour du Mont Blanc (TMB) was het niet een proces. Je vraagt tijdens wandelingen in gîtes en refuges wat om je heen over mooie ervaringen en daar rollen dan vanzelf wat voorstellen uit. Meestal gaan de gesprekken toch al over dit thema en wil iedereen zijn beoordeling graag delen. Eindelijk iemand die het wil horen. Wat dit keer wel anders was kwam toch door de GR 20. We wilden na de eenzijdige en Spartaanse ervaringen op Corsica een comfortabelere opvolger. Comfortabel in de zin van minder klauteren en meer luxe bij de keuze van overnachting en horeca.


In de outdoor-winkel waren dit ook de criteria bij het doorbladeren van de gidsen over de TMB. De Franstalige TopoGuide gaf een goed overzichtskaartje en een gedetailleerde tabel met afstandstijden en faciliteiten langs de route. De kaartjes daarentegen vond ik minder duidelijk. In ieder geval werd al snel helder dat aan de verlangens werd voldaan: gîtes, refuges, restaurants, cafés genoeg. Om het ongenoegen over de kaartjes weg te nemen kocht ik er ook nog een 1:50.000 kaart Carte de Randonnées 'Pays du Mont-Blanc' bij, waarop de TMB keurig in een duidelijke kleur staat afgedrukt. Na wat zoeken op internet vond ik ook verschillende websites met informatie over tijden, aantallen meters stijgen en dalen, en afstanden. 

Later heeft Frank nog het vrij recente boekje van Noes Lautier gekocht. Dit niet te zware wandelgidsje is in het Nederlands. Naast informatie over de hoofdroute geeft zij daarin beschrijvingen van allerlei varianten. Handig daarbij zijn de vermelde tijdschema's van zowel de hoofdroute als van de varianten. Verder staat er veel praktische informatie in zoals het aantal dagen, de moeilijkheidsgraad, beste periode, het weer, vervoer, accommodaties, kamperen, etc..

Omschrijving

Verschillend van vele andere tochten is de Tour du Mont Blanc dus een ronde. Je loopt weer terug naar je beginpunt, dat voordelen oplevert voor de reis er naar toe. Wij kozen voor de auto.
Ook speciaal is dat je op deze betrekkelijk korte afstand door drie landen loopt; Frankrijk, Italië en Zwitserland.

Niet alleen loop je om de Mont Blanc, maar om het hele massief rond deze berg. Je loopt op een hoogte die varieert tussen de 1000 en de 2200 meter met enkele uitschieters naar rond de 2500 meter. Op grote delen van de tocht heb je een schitterend zicht op 'het massief' met zijn veel hogere toppen dan de omringende bergen. Imponerend zijn deze besneeuwde toppen met de afhangende gletsjers, die het een echt andere tocht maken dan bijvoorbeeld de GR 10 of GR 20. 

De tocht varieert in afstand tussen de 180 en 200 km. Dat hangt af over welke route je loopt. Naast een zogenaamde hoofdroute zijn er op verschillende locaties diverse varianten. Lussen die vanuit de hoofdroute te benaderen zijn en vaak verder op de route weer terugkeren op de hoofdroute. Wij kozen voor de hoofdroute. Door onze gebruikelijke onoplettendheid liepen we op de eerste wandeldag toch nog een variant. 

Voorbereiding en training 
Uit de beschrijving van Noes Lautier zou je de indruk kunnen krijgen dat het een tocht is voor minder ervaren bergwandelaars. Dat is dan een goede indruk, maar vergeet niet haar oproep voor een goede conditie. De stijg- en daalmeters zijn zeker niet minder dan bijvoorbeeld op de GR 20. De paden zijn daarentegen makkelijker begaanbaar en je hoeft er niet te klauteren met je handen. Ook ondersteun ik haar vermelding van de reeks ladders bij Les Chéreys in het traject van Tré-le-Champ naar La Flégère. Wij vonden het geen moeilijke ladders, maar in de refuge van La Flégère spraken wij met een Duitse jonge vrouw, die het niet aan had gedurfd en daarom met haar vriend was teruggekeerd. Via een lager gelegen variant waren ze uiteindelijk verder op de route gekomen.
Onze route met de overnachtingslocaties. Start en finish op de Col de la Forclaz (rode cirkel).
Net als op de GR 20 loopt het aantal benodigde dagen uiteen. Volgens de diverse gidsen gebruikt het merendeel van de mensen negen tot elf dagen. Wij planden voor elf dagen en deden het in werkelijkheid in tien. Door het ruime aantal gîtes en refuges is de wandeling makkelijk onderweg aan te passen. Zeker voor ons met de tent in de rugzak. Bij de meeste refuges kun je ook in de directe omgeving kamperen. 
Wij zijn gestart op de Col de la Forclaz. Vanuit Nederland was dat voor ons met de auto de kortste route. Vergeet niet een autovignet te kopen voor Zwitserland. Op de Col de la Forclaz bevinden zich een eenvoudige camping en een hotel. De auto hebben wij daar achtergelaten op de parkeerplaats.

Het rennen op de TMB wordt ook veel gedaan. Omdat een week na onze wandeling de zogenaamde 'Ultra-Trail du Mont-Blanc' plaatsvond, werden wij regelmatig gepasseerd door trainende runners. Dat is duidelijk een andere tak van sport. Net iets boven ons niveau. Vanuit verschillende startplaatsen wordt op diverse dagen in de laatste week van augustus een run georganiseerd. De langste is 168 km met 9600m stijgen/dalen. Deze start in Chamonix. Wil je dus tussen het wandelen door ook nog even daar aan deelnemen kijk dan op http://www.ultratrailmb.com/. Het kost niet zo veel extra tijd, het record staat op 21 uur!

Zoals al vermeld geeft het gidsje van Noes Lautier veel praktische informatie. Aanvullende informatie over trajecten en campings heb ik onder andere gevonden op de websites
http://www.fogma.co.uk/foggylog/archive/366.html
Tijden en afstanden leidde ik ook af van een overzicht op Wikipedia en van http://home.kpn.nl/worteljc/tmb.html#EtappeOVZ

Als laatste bericht in deze serie zal ik een terugblik/review geven met onze belangrijkste observaties en waarderingen.

De Tour du Mont Blanc is ons goed bevallen. Het is toch prachtig dat je zo dicht bij Nederland in augustus kunt wandelen met een wintersportgevoel. 






Rain is slecht voor je brain

Donderdag 14 augustus, wandeldag 1
Col de la Forclaz - Tré-le-Champ
(± 8 uur, incl variant en rusten, 1074+200m klimmen, 1200+100m dalen, ± 16+2 km)



Misschien is het achteraf toch nog enigszins te verklaren dat we in een wat 'gedelete' toestand begonnen aan de eerste wandeldag. Gisteren waren we tijdens de autorit lange tijd in Duitsland schoongespoeld onder een grauwe, grijze lucht. Bij aankomst op de Zwitserse camping op de Col de la Forclaz was het niet veel beter. Het was dat het gelijknamige hotel vol zat, anders hadden we een kamer genomen. 
Bij de 'camping' was er bovendien een verschil tussen de internetinformatie en de werkelijkheid. Door slechte ervaringen in het verleden controleer ik tegenwoordig vooraf op internet of de in de gidsen vermelde campings nog werkelijk bestaan. Zo ook in dit geval. Bingo. Hij bestond, lag zo te zien pal in de zon en was op de foto tot de nok toe gevuld met kleine trekkerstentjes. Zo vol dat ik besloot te reserveren.

Bij onze aankomst bestond hij nog steeds, moest ik de receptie herinneren aan mijn reservering en mijn reeds gedane betaling, en konden wij kiezen uit alle drie de terrassen. Er stond slechts 1 andere tent. In de luwte van de auto bij een temperatuur van twaalf graden hebben wij in de regen onze tentjes opgezet.


Lang hebben we over de maaltijd gedaan in de warme en gezellige eetzaal van het hotel. Dat was prima. Vanachter beregend glas kijken naar mooie bergen en lekker Franse frietjes met stukken kip eten. Ze waren zo gul dat ik met een enigszins drukkend gevoel terug ging naar mijn tent, want tenslotte konden we onze terugkeer naar de camping niet langer uitstellen. Het daglicht was al uit en er werd omstandig om ons heen gedekt voor het ontbijt. Snel naar onze tenten en de donsslaapzak in. 


Nonchalant, Arrogant, Variant

Bijdehand was het zeker niet. Argeloos waren we vandaag aan de eerste meters van onze Tour du Mont Blanc begonnen met de afdaling naar het gehucht Le Peuty. Zo met een gevoel van 'Dit pakken ze ons niet meer af. Hier gaan wij eens flink tegenaan en lekker van genieten.' 
Uit de gidsen en kaarten was ons niet echt duidelijk geworden of je Le Peuty via het dorpje Trient zou bereiken of rechtstreeks. De lange studie van de verschillende richtingaanwijzers halverwege de helling door een groepje wandelaars voor ons, liet ons niet vertragen. Blind volgden we de bordjes met het logo. 
in Trient klopte alles nog
Na wat zoeken in Trient vonden we de overgang over de beek en liepen vrolijk verder. Toen nog steeds op weg naar Le Peuty. Totdat er een splitsing kwam met twee neutrale richtingsbordjes zonder verdere tekst, linksaf naar beneden en rechtsaf omhoog. Misvormd en fatalistisch als we na jaren berglopen zijn, kiezen we automatisch voor het pad omhoog. Na een half uur klimmen vragen we ons af waar Le Peuty blijft. We hadden er al meer dan twintig minuten geleden moeten zijn. Langzaam dringt het door dat we misschien fout zitten. Een extra kaartstudie leert dat we op een alternatieve route zitten; une variante. De variant langs boerderij Tseppes en daarna ruim om de berg Croix de Fer naar de Col de Balme. 2 km langer, 200 meter meer stijgen en 100 meter extra dalen. Nu snappen we ook het tijdsverschil op de bordjes in Trient; het ene bordje gaf 2.30 uur aan naar de Col de Balme en het andere 4 uur.

Kijk, daar moet Le Peuty liggen. Bijdehandje.

Even incasseren. We hadden geen zin meer om terug te keren en de reeds geklommen meters in te leveren. Ook al ben je dan in tijd nog steeds sneller, bij het idee van teruglopen blokkeert er bij ons iets. Daarna volgde er een rationalisatie en even later konden we net zo makkelijk weer met ons zelf verder leven. We hebben Le Peuty nooit bereikt, maar hebben het nog hoger op de helling van bovenaf wel goed kunnen bestuderen. 
Nog geen drie kwartier op pad en dan al op een ander pad dan de bedoeling. Er zijn vele paden die om het Mont Blanc massief lopen, enkele zijn van de Tour du Mont Blanc en slechts 1 vormt de hoofdroute. Wij waren vanochtend nog niet uitverkoren om die te vinden. 

Nu, bij het teruglezen van mijn aantekeningen en het bekijken van de foto's, is het mij meer dan duidelijk dat je na zo'n heenreis en verregende overnachting op je eerste wandeldag nog echt op gang moet komen. Zeker als het bij het opstaan zes graden warm is. Dan vergeet je bij routebordjes op je kaart te controleren of je daar ook echt naar toe wilt. Een les die we daarna nog enkele keren konden gebruiken omdat de bewijzering geen duidelijk verschil aangeeft tussen de hoofdroute en de varianten. Dus goed de vermelde bestemmingen lezen en controleren op je kaart. 


Gletsjer boven Le Peuty


Extra meters klimmen en dalen is overkomelijk. Maar op een eerste wandeldag moeten wij sowieso op gang komen en deze eerste dag had voor ons doen al aardig wat klim- en daalmeters (1074/1200). Verder waren we beiden vertrokken met nog recente lichte blessures aan kuit en knie.
Erg bevorderlijk was onze variant dus niet. Voor de rest ging alles goed. Het weer was boven verwachting; droog, opklaringen, temperatuur tussen de 12 en 18 graden. Echt augustus.
De variant gaf ook nog eerder zicht op onze eerste gletsjer. De eerste van vele. 


Col de Balme
Het laatste stukje naar de Col de Balme

De refuge op de Col de Balme was na deze eigen wijze van opstarten een welkome onderbreking. Er was een vorm van begroeting door een oude waardin, die goed paste bij de antieke inrichting van deze gezellige refuge. 
Binnen leek de kachel flink opgestookt. Later bleek dit alleen te komen door de warmte uit de keuken. Door het temperatuurverschil tussen binnen en buiten stond ik met een beslagen bril voor de oude waardin. Of het door mijn bril kwam, mijn Frans of haar leeftijd weet ik niet, maar het bestellen van twee omeletten bleek redelijk stressverhogend. 
Toen daarna een Pools groepje ook nog drie omeletten bestelde was de boot aan. 'Ja, zijn het nou twee of drie omeletten en bij wie horen jullie nu weer? Noes Lautier moet soortgelijke ervaringen hebben gehad begrijp ik uit haar gidsMisschien heeft een waardin ook een houdbaarheidsdatum.  De omeletten daarentegen trokken zich gelukkig niets van deze wisselende stemmingen aan en lieten zich goed smaken. Complimenten voor de koks op deze hoogte van 2191m op de grens van Zwitserland en Frankrijk. Misschien is het vroeger wel een smokkelaarcafé geweest en stamt de waardin nog uit die tijd? 


Via de Posettes naar Tré-le-Champ


Terugblik op de bergweiden rond de Col des Posettes


Versterkt verlieten wij de refuge en liepen direct de verkeerde kant op. Zoals we onlangs hadden geleerd vergeleken we snel onze kaart met de bordjes en gingen toen wel op weg naar de Col des Posettes. Er volgde een lekker makkelijk stuk over goede paden door een uitgestrekt groen bergweidegebied. Eenmaal voorbij de Col ging het verder richting de Aiguilette des Posettes, een bergkam waar het wat rotsiger werd, met de eerste blikken op de indrukwekkende hoge bergen van het massief aan de overkant van de diepe vallei van Chamonix. Mooi die besneeuwde toppen en de verschillende gletsjers die naar beneden kruipen.
op weg naar Aiguilette des Posettes

De afdaling naar de chalet-verzameling Tré-le-Champ was lang. Eerst een stuk in het open gebied met diverse balken-trappen, waar de tussenstappen gemaakt zijn voor mensen van boven de twee meter. Daarna een lang traject door het bos. De benen begonnen aan het eind van deze verlengde startdag hun ongenoegen te melden. Vlak voor we het bewoonde gebied binnengingen verkende we vast onze aansluiting voor de etappe van morgen. Dat scheelt morgenochtend weer opstartpuzzels.
Op onze kaart en op het faciliteitenoverzicht stond een camping aangegeven. Waar die in werkelijkheid exact ligt blijft altijd weer een dagafsluitende uitdaging, omdat in wandelland de campings meestal gebrekkig worden bewijzerd. Het leverde ons in ieder geval een leuke bezichtiging op van deze mooie enclave. Een eerste kennismaking met de hier karakteristieke houten huizen met hun warme, gemoedelijke uitstraling. 
Een echte camping hebben we niet gevonden. Via een houten bord 'camping' kwamen we terecht bij de Gîte d' Etape La Boërne. Het kostte even tijd om te ontdekken dat de kinderspeelplaats dienst deed als kampeerplek. Van kinderen hadden we evenwel geen last, want die waren hier niet en als ze er wel waren dan zaten ze met deze temperatuur binnen. Verder begon het te regenen en daarmee was de speelplaats definitief voor ons. 



Binnen was deze omgebouwde boerderij een gezellige, hokkerige verzameling van vertrekjes. Waar ooit de koeien stonden wordt nu het servies bewaard. Waar we mochten douchen en toiletteren hebben nog veel kleinere beesten gestaan, maar na een lange wandeling ben je snel tevreden. We hebben er heerlijk meegegeten van de soep, kip (alweer), pasta, kaas en mousse. Aan tafel vergezelde ons een Parijs echtpaar, dat hier al jaren tijdens hun vakantie verbleef en van hieruit hun wandelingen ondernam. Knap hoe mensen verknocht kunnen raken aan een bepaalde plek. Wij zullen dat in Tré-le-Champ niet zo snel krijgen. Na de maaltijd zijn we voor een korte avondwandeling nog verder gaan kijken in deze nederzetting. Mooie huizen, zoals gezegd, maar verder erg stil. Nog snel een telefoontje naar huis en om 21.30 in het duister naar de kinderspeelplaats. Snel de branderige benen tot rust brengen. Morgen weer verder. 




Uitdagende Ladders

Vrijdag 15 augustus, wandeldag 2
Gîtes d' Etape La Boërne in Tré-le-Champ - Gîte Gare de Teléphérique de La Flégère
(± 4,5 uur, incl rusten, 700m klimmen, 220m dalen, ± 8 km)


Uitdagende ladders
Nee, ze had het toch niet aangedurfd onze Andrea uit Stuttgart. Ze streelde daarbij vergoelijkend over de arm van Hanz. Net toen zij bij 'de ladders' waren aangekomen had het bovendien geregend en was het mistig geweest. Ja, als je een beetje last hebt van hoogtevrees dan kunnen de achtereenvolgende kleine en grotere ladders vlak na de opvallende rotsspits van de Aiguillette d'Argentière een hindernis zijn. Ze waren voor de rest een fit en alert team, Andrea en Hanz, maar vrees blijft een vreemd fenomeen. Ze hadden La Flégère uiteindelijk bereikt via een lager gelegen wandelpad. We zijn Andrea en Hanz als enige van de verschillende wandelaars onze hele Tour de Mont-Blanc met enige regelmaat tegengekomen. Ik weet niet of Andrea en Hanz echt zo heten, want in de volgende acht dagen dat we ze tegenkwamen zijn wij en zij nooit op het idee gekomen onze namen uit te wisselen of een foto te maken. Dat ze uit Stuttgart kwamen heeft ze wel echt gezegd. 
Opvallende spits van Aiguilette d'Argentiere


Wij vonden de ladders juist weer een mooie afwisseling in de regenachtige ochtend zonder veel vergezichten. Dan maar lekker met armen en benen tegelijk aan het werk. Inspannend was het wel, maar je gaat ook met meters tegelijk omhoog. In feite ben je bezig een rotsbarrière te passeren. Dat lees ik in de gids, want echt gezien hebben wij die barrière niet. Te weinig zicht en te veel focus op het klimmen.




Beperkt zicht
Om bij de ladders te komen waren wij vanochtend tegen negen uur op pad gegaan. Eerder bij het tent afbreken hadden wij nog wat meewarig de eerste wandelaars uit de warme gîte in regenkleding met korte broek zien vertrekken, 'watjes'. Na het ontbijt stelden we onze kwalificatie van 'watje' bij en vertrokken in vol regenornaat. Maar nu was de regen dan ook aanhoudend geworden. Daarom hebben wij de rest van de dag onze regenkleding ook maar aangehouden.




steenman op de Tête-aux-Vents
Beperkt zicht kan verschillende redenen hebben; laaghangende wolken, regen, mist, een beslagen bril. Wij deden het vandaag met de combinatie. Voordat we de rotspunten van de Aiguillette d'Argentière bereikten zagen we nog een aantal berggeiten. Leuk om te zien. Te snel voor een foto. Later bij de ladders (les échelles) hadden wij het geluk dat het net even droog was, maar tegen de tijd dat we bij het hoogste punt voor vandaag kwamen, La Tête-aux-Vents op 2132m, was het opnieuw nat en mistig. Snel toch nog een foto, blazen in je koude handen en weer verder. Rusten doen we vandaag later wel. Gestaag gingen we verder naar beneden. We werden nog door enkele day-packs ingehaald, maar dat telt niet. De bovenbeenspieren en kuiten begonnen bij deze temperaturen en nattigheid steeds meer te protesteren. Eindelijk kwam de cabinekabelbaan van La Flégère (1877m) in zicht. Over een helling vol met skiliften nog een laatste stuk omhoog en dan eindelijk afhangen in een moderne snackbar aan het eind van een piste. Ineens zit je in de luxe en warmte van de wintersporthoreca. Of je even een patatje gaat halen via een kleine omweg.
laatste stuk afdaling in de richting van het station van de kabelbaan

Gîte Gare de Teléphérique de La Flégère
Gite La Flegere (foto van internet)
Het was pas een uur of half twee. Voortgaan in deze regen trok ons echter steeds minder aan. Wij wisten van de kaart dat hier een gîte zou moeten zijn, maar zagen bij onze nadering niets dat daar op leek. Op onze navraag deed een weids gebaar van de bediening ons in eerste instantie schrikken. Het viel gelukkig mee. De gîte lag wat lager op de helling direct achter  het skistation verscholen. Een dortoire (slaapzaal) heeft niet mijn echte voorkeur, maar er was rond de gîte geen kampeergelegenheid. Inboeken dan maar en snel een punt aan deze wandeling draaien. Het was nog overeenkomstig onze oorspronkelijke planning ook.


Een goed besluit. Binnen was het warm en binnen twee minuten zaten we achter een dampend bord soep. Enthousiaste jonge mensen bedienden snel en vriendelijk. Met dezelfde geestdrift werden we vervolgens voorgegaan naar de zolderverdieping voor onze nachtlocatie. We mochten zelf uitkiezen uit de zesendertig bedden. Stapelbedden, met tussenruimtes van minder dan een rugzak breed. Schoon beddengoed, dat was keurig. Evenals de gezonde temperatuur van rond de 14 graden.

De rest van de middag ging op aan het naar boven slepen van de rugzakken, douchen in de grotere cabines op de lagere etage, wat drinken, een sudoku oplossen en aantekeningen maken voor dit blogbericht. Trefwoorden natuurlijk, want de rest verzin ik er gewoon thuis bij. Tussendoor keken we naar buiten om aan de regendruppels in de plassen te zien dat we hier prima zitten. 
's Avonds zaten we niet alleen met Andrea en Hanz aan tafel, maar genoten we van de aardappelgratin met tegenover ons een jong koppel uit Israël. Artsen in opleiding op kosten van het Israëlische  leger. Interessant om uit eerste hand te vernemen hoe zij hun leven in dit gespannen gebied ervaren. Toch wat anders dan het vreedzaam voortdromende Nederland in een wereld waar Oekraïense separatisten en Syrische jihadisten de werkelijkheid veranderen.
Na de maaltijd nog een sudoku-poging, maar het gekozen genius level levert op deze hoogte meer problemen op dan op zeeniveau. Tegen tienen strompelen we over de trappen omhoog. Het is maar goed dat het maar een korte dag was. De kuiten en bovenbenen protesteren nu heftig. Een branderig spierpijngevoel baart mij zorgen voor de lange etappe van morgen. Het moet geen blessure worden anders is het snel afgelopen met de lol.





Wintersport

Zaterdag 16 augustus, wandeldag 3
Gîte Gare de Teléphérique de La Flégère - Camping Bellevue in Les Houches
(± 9,5 uur, incl rusten en zoeken naar de camping, 770m klimmen, 1670m dalen, ± 18 km)

Het besneeuwde Mont-Blanc Massief
vanaf het wandelpad tussen  La Flégère en de Brévent op 16 augustus
Sneeuw
Eigenlijk waren we onze wandeltour gestart met de verwachting in augustus bij een lekkere temperatuur in je shirt met korte mouwen over zonnige bergweides te lopen. Geestelijk hadden we ons hier op ingesteld. Nou, dat idee van korte mouwen en afgeritste broeken hadden we gisteren al laten varen, want met een koude geest kun je niet lopen. Maar toen het begon te sneeuwen keken we elkaar eerst nog wat lacherig aan. 


Sneeuw hoorde toch alleen aan de overkant van de vallei, bovenop het Massief en vooral bovenop de Mont-Blanc? Oké, aan deze zijde van de vallei wisten we inmiddels dat het kon regenen en misten. Eventueel wat koude handen, maar daar moest het mee stoppen. Stoppen deed het mooi niet. Na eerst wat voorzichtige, oude korstjes sneeuw op weg naar de Col de Brévent, ging de miezerregen over in miezersneeuw en daarna in heuse sneeuwvlokken. Het vervolg van de klim richting de top van de Brévent (± 2500m) was niet zo'n probleem, maar afdalen over een glad laagje natte sneeuw des te meer. Reden genoeg om beheerst naar beneden te gaan. Om niet het risico te lopen van nog meer sneeuw met dito uitglijkansen lieten we er zelfs een horeca-stop voor schieten. Het moet niet gekker worden.
voorzichtig afdalen van de Brévent

Droog, wolken, motregen, sneeuw
Tot onze verbazing waren wij vanochtend om 06.30 de eersten geweest, die opstonden in de slaapzaal van gîte La Flégère. Op de overige tien beslapen bedden werd nog diep nagedacht en lekker omgedraaid. Op Corsica waren vorig jaar om deze tijd de meeste wandelaars al op pad en verlieten wij als achterhoede de refuges. Zonder opzet waren we ook dit jaar weer deviant. Rijmt ook op variant. Oppassen dus vandaag.




skiliften vlakbij skistation Planpraz
Skistation Planpraz
Het eerste deel van de dagetappe naar skistation Planpraz ging licht op en neer met hier en daar balken-trappen, stukjes bos, skiliften en mooie vergezichten naar 'de overkant', het massief. 
gezicht op het Mont-Blanc Massief vanaf omgeving Charlanon

gezicht op het Mont-Blanc Massief vanaf omgeving Charlanon

Na een rust ter hoogte van Planpraz vervolgden we via de Col de Brévent met de klim naar de top van de Brévent.  
Tussen de col en de top liepen we over een mooi rotsig stuk met hier en daar wat steilere rotspassages en zelfs enkele ladders, waarbij wij werden gestimuleerd door het opgewekte geklauter van een opa en met zijn kleinkinderen. Ook opa was snel en moest ons zo nodig passeren.


volg de gele stippen


Na de Col de Brévent troffen we ook weer een al eerder waargenomen man van onze leeftijd, die nog steeds in zijn korte broek liep. Mijn opmerking 'kijk die commando loopt nog steeds in zijn korte broek' werd niet alleen door Frank begrepen. De man bleek nu weer net een van de sporadische Nederlanders te zijn. Even later stonden we met hem ervaringen uit te wisselen. Verder bleek die korte broek met zijn rode benen ondanks zijn rustpauze net zo snel bij de volgende refuge als wij. Weliswaar met een kleine rugzak, maar toch. Even dimmen dus. 

Natte sneeuw betekent ook niet even lekker rusten onderweg. Na de Brévent begonnen we direct aan de lange afdaling die uiteindelijk in Les Houches zou eindigen (van ± 2500m naar ± 1000m). Aanvankelijk ging dat in lange slagen over een besneeuwd steenblokkenpad. Eenmaal onder de sneeuwzone liep het sneller over geleidelijk dalende keienpaden richting Refuge Bellachat (2151m). 

keienpad richting Refuge Bellachat

Refuge de Bellachat (foto van internet)
Vlak daarvoor haalde korte broek ons in en gezamenlijk bereikten we de kleine refuge. Een warme oase waar we in een dampend lokaal vol vochtige mensen en rugzakken genoten van lekkere warme soep en een assiette charcuterie. 




Korte broek was een vriendelijke man. Eerder had hij interesse getoond in onze ervaringen en beoordeling van de GR 20. Nu vernamen wij dat zijn wandelhistorie onder andere gevuld was met de GR5, ruim 2500 km van Hoek van Holland naar Nice.  Dit jaar liep hij delen van de Tour de Mont-Blanc, die hij destijds nog niet had gedaan. De GR5 en de TMB lopen namelijk op een aantal trajecten gelijk op. Hij vertelde op een prettige manier zonder grootspraak. Vandaag was hij naar deze kleine Refuge de Bellachat gegaan omdat hij hier destijds zo goed had gegeten en geslapen. Bellachat had bij hem goed gescoord. Bij ons ook. Het was er gemoedelijk met een opgewekte bediening en bovenal lekker warm eten. 


Gletsjer aan de overkant van het dal gezien op onze afdaling richting Les Houches

Les Houches
Met de afdaling vanaf Bellachat naar Les Houces moesten we niet zo zeer afstand, maar wel nog steeds ruim 1000m hoogteverschil overbruggen. Eerst nog boven de boomgrens, maar daarna lang door het bos. 
Blik in het dal van Chamonix tijdens onze afdaling richting Les Houches
Blik in het dal van Chamonix tijdens onze afdaling richting Les Houches

Bij een dierenpark voegden wij ons in de andere wereld van dagjesmensen met kinderen op de terugweg naar de parkeerplaats. Vanaf die parkeerplaats volgde nog een bostraject waarbij wij Christus van achteren bekeken. 
Op internet ziet Christus Koning er zo uit
Hij keek als een koning uit over het dal. (Statue Christ-Roi)





Na ruim tweeënhalf uur bereikten we tenslotte Les Houches. Daar waren we voor het eerst echt in het dal van Chamonix. Een dal dat we tot nu toe alleen in flitsen door gaten in het wolkendek hadden gezien. Nieuw was ook dat de zon scheen en ook bleef schijnen. Van acht graden vanochtend bij de start, via bijna nul graden op de Brévent, liepen we nu eindelijk in lange broek bij twintig graden. Eindelijk lekker warm.
Om bij de camping te komen liepen we nog zeker meer dan een kilometer door dit ski-dorp. Ons baken daarbij was het begin van de cabineskilift want daar zou de camping liggen. De lift, Teléphérique Bellevue, was redelijk snel gevonden. Camping Bellevue kostte meer moeite. Hoewel die hemelsbreed slechts tweehonderd meter uit elkaar liggen, hadden wij, geoefende spoorzoekers, daar met wat omzwervingen toch gauw een half uur voor nodig. 
Camping Bellevue in Les Houches (de volgende ochtend)
Camping is een wat groot woord. Het is het einde van een piste, dat in de zomer wordt omgebouwd tot een soort mini-camping. Dat Les Houches het meest gekozen start- en eindpunt is voor de Tour de Mont-Blanc was goed te merken. Zo probeerden Israëlische jongens, die op het punt stonden af te reizen naar vliegveld Genève, tevergeefs andere wandelaars hun half lege gastankjes te schenken. Ze hadden de wandeling met plezier gelopen, maar hadden de zwaarte toch enigszins onderschat. Hier en daar hadden bus en skilift stukjes voor hun rekening genomen.
In de avondzon hebben wij onze, al dagen natte tentjes opgezet. Eindelijk kunnen ze drogen en de vochtige rugzakken uitwasemen. Zelf zijn we in het laatste paar droge, niet stinkende kleren naar een restaurant gegaan. 
restaurant in Les Houches

raclette oventje met echte kooltjes
De raclettes om ons heen deden het prima en de gesmolten kaas rook gezond, maar wij gingen voor een heerlijke steak met bier. Niet echt een regionale menukeuze maar wel lekker na deze lange inspannende dag. Ook goed voor onze bovenbenen en kuiten, die de dag goed hadden verteerd. Ze hebben zich blijkbaar aangepast aan de dagelijkse opdracht. Het is ze geraden.






Een nieuwe groene wereld

wandelen in een nieuwe wereld (omgeving Le Champel)


Zondag 17 augustus, 
wandeldag 4
Van camping Bellevue naar naar Camping Le Pontet net voorbij Contamines-Montjoie
(± 8 uur, incl rusten, 
840m klimmen, 655m dalen, ± 18 km)









Éen bar is geen bar
Het was zwaar. We zaten op terrassen, passeerden terrassen en negeerden terrassen. De eerste kilometers kon het niet op en toen we daar eenmaal aan gewend waren was er zeker drie uur geen terras en geen bar meer te vinden. Afzien. 
Terras van La Ferme op weg naar de Col de Voza
Flauwekul. Het was vandaag een heerlijke zonnige, ontspannen dag. Een enkel steil stukje richting de Col de Voza (1653m). Maar slechts van korte duur. Zelfs de regelmatig terugkerende stukjes asfalt verveelden ons niet. Met het passeren van deze col verlieten we het dal van Chamonix. Nog een laatste blik op de lange zijde van het massief en dan 'de hoek om'. 
Een laatste blik op het Massief in het dal van Chamonix vanaf de Col Voza

Nieuwe bergen, nieuwe gletsjers voorbij de Col de Voza


bijenkasten in La Vilette
Niet alleen nieuwe bergen, en nieuwe gletsjers, maar vooral een andere, groenere, landelijke wereld. Mooie chalets, bloemen, bijen. Om er zo te blijven. Naast de nog resterende boeren, veel mooie tweede huizen. Mensen die de tijd nemen om van hun tuin, weiland, boomgaard te genieten en er tot diep in de middag op zijn Frans te lunchen. Zo moet het door God bedoeld zijn toen hij in Frankrijk wilde leven.
mooi chalet vlakbij Bionnassay
net gebouwd (tweede) huis bij La Vilette
In Gods boomgaard bij Tresse



Slingerend door de vallei
Vanochtend hebben we uitgeslapen. Na een openluchtontbijt in de zon gingen we pas om kwart voor tien weg. Dit keer schoon, gedoucht en met een droge tent in de rugzak. Frank was tussendoor weer druk in de weer met zijn nieuwe speelgoed, een camera met (tele)lens! Van alles wordt gefotografeerd, zelfs de voorbereiding van het inpakken van de rugzakken. We hebben daarbij een verschillende stijl. 
FranS
FranK
Het traject naar de Col de Voza was een prettige aaneenschakeling van klimmetjes door weides, over asfaltweggetjes en brede steenslagpaden. Het eerste stuk ging door de chaletbuitenwijken van Les Houches. Eenmaal daarbuiten schrokken we regelmatig van de downhill mountainbikers die naar beneden kwamen geracet. Die waren niet op eigen kracht maar boven gekomen, maar met de cabinelift vanuit Les Houches. Toppunt was echter een jongetje van een jaar of tien uit deze buitenwijk, dat dit voorbeeld op zijn kleine fiets nabootste, door een groep wandelaars heen stoof, de bocht niet echt haalde en daarna over de kop sloeg. Karakter had hij al wel, want op mijn vraag of het goed ging werd grimlachend positief geantwoord. Waar kleine fietsers groot in kunnen zijn. Toen ik tien meter verder weer achterom keek werd de schouder toch voorzichtig ondersteund en zat er nog weinig beweging in.
bijna bij het terras van café La Ferme
Wij ploegden door en rustten onderweg op het terras van La Ferme. De prijzen waren er nog van voor de crisis, bijna alles kostte 1 Euro! Dat hebben we vergeten te vertellen aan Hanz en Andrea, die ons daar passeerden. Pauzeren wilden ze niet, omdat hun geld bijna op was. Ze moesten zich beperken totdat ze in Contamines konden pinnen. Hun goede humeur was daarentegen nog niet op en opgewekt gingen ze weer door.
paragliders met reclame voor de Col

De Col de Voza is een toeristische trekpleister met een skihotel, sportfaciliteiten, een bar-restaurant en terrassen. Verder pal op de col een station(netje) op het tramlijntje 'Tramway du Mont-Blanc', dat vanuit St-Gervais-Les-Bains een stuk het massief in rijdt. Ons vorige terras was pas twintig minuten geleden, dus keken we hier alleen maar rond.




Toeristen komen op de Col de Voza vooral van de andere kant aan gezwoegd. Ze kunnen wel tot voorbij het laatste dorpje Bionnassay parkeren, maar daarna volgt er voor niet geoefende mensen toch nog een robuuste klim. Bemoedigend keken wij ze aan, terwijl we quasi nonchalant zigzaggend over het asfalt afdaalden. Soms lijk je net een kleine fietser. Onze knieën waren wel verzuurd, maar ook wij lieten niets merken.
ooit een school, nu een woonhuis



bruggetje over de Torrent de Bionnassay
Van de Col de Voza daalden we af in de groene wereld. Na het kleine dorp Bionnassay nog een keer kort stevig dalen en stijgen vanwege de plaatselijk beek, Torrent de Bionnassay, en daarna een aaneenschakeling van chaletdorpjes; Le Champel, La Vilette, La Gruvaz, Tresse. Van de ene kant van de vallei weer naar de andere kant. 
In Bionnassay negeerden we de lokale auberge, in Le Champel liepen we voorbij aan kinderen, die limonade verkochten en vervolgens konden we de aangekondigde gite niet vinden. Dus werd het een rust op ons zeiltje ergens bij La Gruvaz met water, worst en mueslirepen. Bij 23 graden ook niet onplezierig.
De vallei van de Nant. Chaletdorpen op weg naar Les Contamines-Montjoie



Het laatste stuk naar Les Contamines-Montjoie liepen we langs de Bon Nant, de valleibeek. In Contamines pinnen en inkopen doen en weer op een gewoon terras bijtanken. Dit keer tegenover de kerk met de mooi beschilderde muur en dakpanden. 

het alziende oog houdt iedereen in de gaten
De Heilige Geest vliegt ook mee

foto van internet
foto van internet
Na Les Contamines nog twee kilometer om via een attractiepark camping Le Pontet te bereiken. De camping lag natuurlijk aan de andere kant van het park. Een eigenschap, die aan het eind van een wandeling meeweegt. 's Avonds zijn we naar het inmiddels stille park teruggegaan om het restaurant uit te proberen. Voor ons was dat al attractie genoeg.







Col hoppen


Maandag 18 augustus, 
wandeldag 5
Van camping Le Pontet bij Contamines-Montjoie naar Les Chapieux
(± 9,5 uur, incl rusten, ± 1350m klimmen,± 970m dalen, ± 20 km)












Terugblik op de Col du Bonhomme




Groepsgewijs
's Morgens kwamen de eerste groepen al voorbij. Deze hadden ogenschijnlijk nog geen echte leider en droegen ook nog enigszins gevulde rugzakken. Met busjes en auto's waren ze gekomen tot bij de parkeerplaats van de kerk Notre Dame de la Gorge. Bijhouden konden we ze de eerste kilometers nog wel. Maar tijdens onze reguliere rust na 1 uur wandelen, liepen ze bij ons weg. Later op de dag kwamen er geordende rijen op de route. Een gids of leidster voorop en de rest met kleine day-packs erachter. Bij de echt georganiseerde tochten met begeleiding worden de slaapplaatsen en maaltijden in de refuges voor de deelnemers gereserveerd en wordt ook je bagage vervoerd. Een andere beleving van de Tour. Daarom niet minder. Wij prefereren de iets vrijere beleving met eigen routekeuze, eigen tijden, eigen maaltijden, eigen overnachtigsplekken. Iets meer verrassing. Ook iets meer sjouwen, dat dan weer wel. 
follow the leader
Col hoppen
Vandaag twee cols op het programma; vanaf camping Le Pontet op een hoogte van ongeveer 1200 meter naar de Col du Bonhomme (2329m) en de Col de la Croix du Bonhomme (2479m). Weer een aardige stijging.
Notre Dame de la Gorge
Kort na de start hebben we even halt gehouden bij de kerk Notre Dame de la Gorge. Slechts een foto van de buitenkant was het resultaat. Ze wisten dat we er aan kwamen en hadden de deur op slot gedaan. 

Georganiseerde wandelgroepen, jonge toeristen, jonge senioren, gevorderde senioren, een enkel gezin met kinderen en wij, alles wilde deze maandag naar de cols. Het begon met de pittige opgang door het bos van de Notre Dame de la Gorge. Eenmaal na het bos volgende een rustige stijging door het prachtige dal van de bovenloop van de Bon Nant naar Refuge de la Balme. Alles tot daar over brede steenslagpaden onder een heerlijke zon. Met een temperatuur van rond de 20 graden precies zoals we dat hadden besteld. 
Dal richting Col du Bonhomme bij een opkomende zon
Een eervolle vermelding voor Refuge de la Balme. Alles zag er strak georganiseerd uit. Alle slaapzalen opgeruimd en de toiletten keurig schoongemaakt. En een vriendelijke bediening op het zonovergoten terras. Waren we mystery guests geweest dan hadden ze hoog gescoord. In verschillende opzichten heel wat anders dan de oude waardin op de Col de Balme, vier dagen geleden.

Terras van refuge de la Balme

Vriendelijke bediening. Laat Frank maar schuiven met zijn nieuwe fototoestel.
een mystery guest

Met nog een rust tussen de refuge en de col was het ondanks de inspanning goed te doen. Een soort zwoegend genieten. Samen met anderen en toch ieder voor zich, met als beloning de prachtige vergezichten vanaf de Col du Bonhomme.

Terugblik op het dal met refuge de la Balme alweer een stuk onder ons (rechts op de foto)




  

Van de Col du Bonhomme naar de Col de la Croix du Bonhomme is ongeveer twee kilometer. Een rotsig pad dat langzaam de 150 meter stijging verwerkt. Regelmatig stopten we om te genieten van de vergezichten in oostelijke richting waar onder andere het Lac de Gittaz te zien is met daarboven een pad vol haarspeldbochten. 
Lac de Gittaz te zien is met daarboven een haarspeldbochtenpad.


Op de Col de la Croix du Bonhomme wordt het hoogste punt overduidelijk gemarkeerd met een enorme steenman. Het is ook het punt om eventueel een variante route te nemen via de Col des Fours (2665m). Daarmee loop je niet de officiële route, maar wat ik op internet zag, is het de uitdaging waard. Wij deden dit niet, want we willen de officiële hoofdroute lopen.


Refuge du Col de la Croix du Bonhomme

Even na de Col de la Croix du Bonhomme zie je de gelijknamige refuge. Voor ons reden voor een verlate tweede lunch. Eigenlijk lunchen we de hele dag door. Twee gidsen met hun groepen waren er ook. Een van de meelopende japanners konden we over halen een foto te nemen. De conversatie bereikte niet eens het niveau van ja en nee, maar over de vele tekens op de camera hoefden we hem niets te vertellen. 

Afdalen naar Les Chapieux was goed te doen over geërodeerde paden en matig begroeide bergweides. De erosie wordt zo te zien veroorzaakt door overmatig gebruik door wandelaars, fietsers en vee.

Bijna twee uur hadden we nog nodig om tegen zessen de volgende horeca te bereiken, Refuge de la Nova in Les Chapieux. Afkoelen en bijtanken op het terras was onze eerste actie. Frank maakte zich bij de vrouwelijke bediening immens populair door lovende opmerkingen te maken over de zware Norton motor, die voor de refuge stond. Hij was wel van le patron, maar ze vatte het op als een persoonlijk compliment. Misschien reed ze zelf ook motor of was le patron meer dan alleen de baas.

Les Chapieux leek op het eerste gezicht uit niets meer te bestaan dan de refuge, een winkeltje, een informatiekiosk en een soort skivakantiehotel, dat nu gesloten was. Het was goed dat wij onze tenten hadden, want de refuge zat propvol. Navraag leerde dat je hier op het grote veld gewoon vrij mag kamperen. Er stonden vooral campers. Het veld is echter zo groot dat niemand elkaar op de lip zit. Voor de tentjes kozen wij een gebiedje achter de kiosk. Dat stuk was omgeven door grote rotsblokken zodat daar geen campers konden parkeren en je dus niet bang hoefde te zijn dat je in je slaap wordt overreden. De kiosk had ook het voordeel van de aanwezigheid van de toeristeninformatie en het bescheiden maar goed werkende openbare sanitair. Het eerste voor de meteo en het tweede voor warmte, schuilen, toiletten, afwassen, kleding wassen. Althans zo hebben wij het geïnterpreteerd.

De refuge, die meer het karakter heeft van een café-restaurant, zat zo vol dat wij 's avonds in eerste instantie geen plek in de herberg konden krijgen. Alle tafels waren al bezet of gereserveerd. Geschat zaten er bij elkaar in de binneneetzaal en de terrastent ongeveer honderd gasten. Veel bekende gezichten die wij vandaag zagen passeren. Maar daar heb je dan weinig aan. 
Wij stonden op het punt af te druipen naar onze tent voor een poedermaaltijd, toen de bedienster Frank herkende. Dat veranderde de zaken. Wat een paar complimenten over een motor kunnen betekenen. Binnen een minuut werd er een tafeltje van het buitenterras naar de terrastent verhuisd en werden wij liefdevol gevoegd bij de gasten. De aardige dame maakte ook nog een foto. Ja, we hoorden er echt bij. En zo zaten we deze vakantie voor de derde dag op rij in een restaurant klaar voor een prima maaltijd. Wat een luxe.






Even doorlopen


Dinsdag 19 augustus, 
wandeldag 6
Van Les Chapieux via Col de la Seigne en Refuge Elisabetta Soldini naar Refuge Maison Vieille
(± 10 uur, incl rusten, ± 1305m klimmen,± 830m dalen, ± 28 km)












'Le groupe de huit heure, partir!'. Onze buren van gisteren konden nog om mijn aanwijzing lachen, maar de rest van de schuilende mensen niet. Het was ook een heel gedrang onder de overkapping van de informatiekiosk. Gelukkig kwam er net een busje aan waarin de meeste mensen instapten. Ook onze oude buren van gisteren op de camping Le Pontet in Les Contamines hadden hun regenpakken aan en stonden op het punt van vertrek. Ze hadden in de stromende regen hun tentjes afgebroken. Wij hadden nog even gewacht en waren eerst lekkere geitenworst, geitenkaas en brood gaan kopen in het enige winkeltje. Daarom was het nu onze beurt om op de banken te picknicken. Vonden wij.


Het weer had zich keurig aan le meteo gehouden. Volgens diezelfde weersverwachting op het prikbord van de toeristeninformatie, zou de regen niet zo lang duren deze ochtend en gevolgd worden door eclaires, opklaringen. En omdat de Franse weermannen en vrouwen tot nu toe iedere keer gelijk hadden, waren wij vanochtend alleen even naar het toilet gerend en daarna weer in onze slaapzak gedoken. Waarom de oude buren in de regen hun tenten gingen afbreken, om daarna onder een balkon van het gesloten hotel en tenslotte onder de overkapping van de informatiekiosk te gaan schuilen, was mij niet duidelijk geworden. Dan moet je toch wel heel erg graag meters willen maken.
Terugblik op Les Chapieux
Dat er veel wandelaars van gisteren in een busje stapten gaf te denken. Is het volgende stuk niet interessant of is het te zwaar voor deze day-packers? Om 9.45 gingen we droog op weg om het uit te zoeken. Na het passeren van de refuge ontdekten we dat Les Chapieux uit nog meer huizen bestond, waaronder zelfs iets café-achtigs. Het einde van de bebouwde kom lag hiermee honderd meter verder dan verwacht. 
Tot aan een samenraapsel van enkele boerderijen met schuren, grotesk 'La Ville des Glaciers' genaamd, bestond de route uit een langzaam stijgend asfaltweggetje, waar les navettes (de busjes) af en aan reden. Waar ze de day-packers naar toe brachten hebben we door de laaghangende bewolking niet kunnen zien. 
La Ville des Glaciers
De enige die wij onderweg tegenkwamen was een Chinese atleet, die de route voor de 'Ultra-Trail du Mont-Blanc' (168 km hardlopen) verkende en de stukken waar ze niet langs zouden komen in vier wandeldagen wilde afleggen. Hij wil natuurlijk net als wij kunnen zeggen dat ie de hele TMB gelopen heeft. Aardige jongen. Had nog wel tijd voor een kort praatje en een foto, maar hij moest natuurlijk snel door. Heel snel.
Hij moest natuurlijk snel door. Heel snel.
Tijdens de frisse rust op het kruispunt van beschaving, La Ville des Glaciers kwamen we onze oude bekenden, Hanz und Andrea, tegen. Wederom een vriendelijk weerzien na de laatste keer, twee dagen geleden, vlakbij de Col de Voza. Ze hadden nog steeds geen geld en waren nog steeds in beste stemming. Overnacht hadden ze in de hooggelegen Refuge du Col de la Croix du Bonhomme, waar wij gisteren nog lunchten. Waar ze dat dan weer van hadden betaald, hebben we niet gevraagd. Je mengt je niet in buitenlandse geldzaken. Vanuit die refuge waren ze vanochtend via de hoge Col des Fours over een variant naar hier gelopen. Ook zij moesten weer door. Richting Courmayeur, want daar moesten bestimmt geldautomaten zijn.
overstap op weg richting Refuge Les Mottets
Terugblik in de richting van La Ville des Glaciers
Blik tijdens de klim naar de Col de la Seigne richting Glaciers des Glaciers
Bij een spaarzame gelegenheid dat ik voorop en vooruit liep kon ik een foto maken van Frank in actie

Grensovergang
Geleidelijk ging het omhoog naar Refuge des Mottets (1870m). Maar vanaf daar waren we weer echt aan de beurt. Met een flink aantal lange lussen ging het rap omhoog. Daarna vlakte het wat af en vervolgden we over uitgesleten paden. Op het laatste stuk naar de Col de la Seigne (2512m) maakten we nog verscheidene keren ruim baan voor naar beneden scheurende mountainbikers. 



De col zelf was een winderig, kaal plateau met een oriëntatietafel, een steenman en een richtingzuil. Dat je hier Italië binnentrekt merk je alleen aan de Italiaanse namen van de steden op de oriëntatietafel. Altijd handig om te weten dat Roma hier 782 km vandaan ligt. 

Je krijgt nu ook meer zicht op de lange zuidoostelijke zijde van het Mont-Blancmassief. Je betreedt namelijk de valleien die het massief aan die zijde omgeven; de Val de Veny en de Val Ferret. Dit zouden de dalen moeten zijn met het beste zicht op de diverse hoge bergen van het massief, zegt Noes Nautier. We zijn benieuwd!

Dat we benieuwd waren verzin ik thuis bij het schrijven van dit verhaal. Eigenlijk hadden we het gewoon koud. Het was op de Col de Seigne zeven graden en er stond een harde wind. Snel weg hier. Snel naar beneden. 
Hadden we tot de col te maken gehad met opklaringen, in het nieuwe Italiaanse dal scheen voortdurend de zon. Bij de afdaling hadden wij de wind in de rug en met daar een grote zak scheelt dat aanzienlijk. Je kreeg zodoende het rare beeld dat wij in korte broek en T-shirt liepen en enkele tegenliggers in lange broeken en gewatteerde jasjes omhoog gingen. En toch zagen ze er nog koud uit. Vreemd, want normaal zijn dat warme jasjes en ik ga er van uit die jasje niet gevuld zijn met watjes. Gewatteerde jasjes zijn blijkbaar in de mode dit jaar. Trendy loop je er wel mee rond. 
afdaling van de Col de Seigne
In een omgeving van zwart steengruis ging het vlot naar beneden. Om enkele Italianen, die we al meer hadden ontmoet, een compliment te maken riep ik dat het in Italia caldo was. Ik had dat woord afgelopen zomer tijdens onze gezinsvakantie onthouden omdat je als Nederlander gevoelsmatig denkt aan koud terwijl er warm wordt bedoeld. Of mijn uitspraak van het Italiaans liet nog te wensen over of ze snapten het niet bij deze lage temperaturen, maar het lokte geen enkele reactie uit. Niet eens hoon was mijn deel.

We treuzelden nog even bij het informatiecentrum La Casermetta (2365m). Een vrij nieuw alleenstaand huis aan het eind van de vallei als je vanuit Italië naar de Col de Seigne klimt. We hadden trek in koffie, maar daar deden ze niet aan.
Voordat we daarna aan de grote vlakke Vallon de la Lee Blanche begonnen moest je nog even op en neer door een soort ravijntje en over een bruggetje. In dat stuk kon Frank nog net een aardige foto maken van een marmot. We hadden hun gepiep onder weg al dikwijls gehoord maar ze niet eerder kunnen zien. Mooie, maar schuwe beestjes.
Vallon de la Lee Blanche 
Het eerste, hogere deel van de Vallon de la Lee Blanche tot aan de Refuge Elisabetta Soldini bestaat uit een grote brede weide, die langzaam steeds steniger wordt. Het is een beetje vreemd dal. Noes Nautier beschrijft het als een dalkom. Of het ooit uitgesleten is door ijs lees ik echter nergens. 

Doorlopen?
Een besluit is vaak gebaseerd op feiten. Het komt ook voor dat je die feiten combineert met intuïtie. Wij combineerden het met gevoel.
Refuge Elisabetta Soldini
Over Refuge Elisabetta Soldini wordt op internet veelal in positieve bewoordingen geschreven. Heerlijk waren dan ook de cola, de expresso en het bier. Hoewel deze refuge in de oorspronkelijke planning het einddoel was voor vandaag, besloten we echter aan het eind van onze rust verder te trekken. Het was een opeenstapeling van redenen. Het begon met de ontdekking dat de refuge niet aan het pad lag maar dertig meter hoger. Op zich onbetekenend als je de hele dag klimt en daalt. Dus zeker geen doorslaggevende reden. Verder konden we niet direct een goede plek voor onze tenten ontwaren. Die plekken schijnen er wel te zijn maar wij zagen ze niet. Slapen bij de bouwvallen direct langs het pad trok ons ook niet. 
Eenmaal in de refuge verstoorde een Italiaanse familie de rust gigantisch met een soort woordspel waarbij vooral de kinderen onder goedkeuring van de ouders tegen elkaar op schreeuwden. Ook de niet onvriendelijke jongeman van de bediening had daar geen problemen mee. Onderhouden van sociale contacten had voor hem een hogere prioriteit. Tussendoor deed hij aan bediening in een tempo waarbij je heel oud kunt worden. Heel oud worden willen wij ook wel, alleen niet nu al. We keken op ons horloge. Drie uur. We kunnen ook doorlopen. Hoever is de volgende refuge? Dat wordt dan Refuge Maison Vieille. Met rusten erbij ongeveer 4 uur. Ach, we zien wel. Desnoods zetten we de tent ergens onderweg op of komen we nog iets anders tegen. Even later daalden we dus af naar het lage deel van de Vallon de la Lee Blanche.  
het lage deel van de Vallon de la Lee Blanche met op de achtergrond Lac Combal
Eten werd nu ineens weer belangrijk. Daarom installeerden we ons bij Lac de Combal voor het innemen van nieuwe energie. We hadden daar van dichtbij een goed zicht op die eigenaardige dijk van puin die het dal afsluit en er een soort moeras van maakt met talrijke beekjes die allen samenkomen in een beek die verder naar de Val Veny stroomt. Een mooi stukje natuur hoewel het een beetje kunstmatig op ons overkwam met die puindijk. 
Daar waar die dijk het dal bijna afsloot ging de TMB weer omhoog op de oostelijk helling van de vallei. Hier begonnen de voor vandaag niet ingecalculeerde klimmeters; van 1970 meter naar 2435 meter op het hoogste punt. 
Al stijgend kwamen we er achter dat de door mij aangeduide dijk in werkelijkheid een afzettingswal was van de inmiddels 'teruggesmolten' gletsjer Miage. Van bovenaf is goed te zien hoe deze gletsjer ooit vanuit het massief met een bocht over een enorme afstand de vallei in 'stroomde'. Het reusachtig puinbed ligt er nog steeds. 
het puinbed van de gletsjer Miage

Avondetappe

Heel lang klommen we door in de heerlijke avondzon. Bij een boerenschuur, Arp Vieille Superieur genaamd (2303m), hielden we nog een rust en belden we om een uur of half zeven naar Nederland. Apart om op zo'n tijdstip met zo een mooie zon en zo hoog op een verlate plek naar huis te bellen. Op beide plekken was het gelukkig goed. 
vlakbij Arp Vieille Superieur
Na het bereiken van het hoogste punt bleef het pad lange tijd min of meer op de zelfde hoogte. Onder het lopen hadden we een prachtig zicht op de hoge pieken van het tegenoverliggende massief. 


Rond zeven uur zakte de zon achter hetzelfde massief en daalde de temperatuur. Langzaam daalden we af naar het gebied met verschillende skiliften. Waar blijft nou die refuge? Ik wordt het zat. Frank huppelt vrolijk voort. Ik trek mijn jas aan en volg. Het blijkt tenslotte toch nog verder en lager dan gedacht. Tegen achten bereiken we eindelijk Refuge Maison Vieille. De eigenaar loopt net toevallig buiten om de paarden in de omheining te drijven. Nee, kamperen is hier niet de bedoeling, het is op deze hoogte zelfs niet toegestaan. Maar op eigen verantwoording mochten we het wel proberen in het bos aan de andere kant van de paardenwei. 
slaapplek in het bos met aan de andere kant van de wei refuge Maison Vieille
Onze gastheer in refuge Maison Vieille
Dat leverde twee mooie plekken op in het woud en twee extra klanten voor de refuge. Om negen uur zaten we achter twee grote flessen Italiaans bier en als extra service op dit tijdstip ook nog twee grote borden met hoge hopen spaghetti met parmakaas. 

Eetzaal annex bar van refuge Maison Vieille
Terwijl wij nog dik zaten te eten waren de meeste gasten al naar de slaapvertrekken. De tafeltjes om ons heen werden al voor het ontbijt gedekt. Dat wordt deze vakantie een bekend tafereel. Maar voorlopig, deze kennismaking met de Italiaanse gastvrijheid in een gezellige oude kroeg sluit een lange dag op een prima manier af. Nu alleen nog in het donker onze tenten in het bos terugvinden. Waar was ook alweer het bos?




Relaxdag

Woensdag 20 augustus, 
wandeldag 7
Van Refuge Maison Vieille naar Courmayeur
(± 2 uur incl rusten, ± 0 m klimmen,± 730m dalen, ± 5 km)

Courmayeur

Psychologie van de stadswandelaar
Dagen loop je kilometers aan een stuk zonder problemen in de bergen en dan kom je in een stad en er wordt tegen je aangelopen of je er niet bent of niet hoort te zijn. Vanwaar dit verschil? 

Er ligt tussen het dorp Dolonne en Courmayeur een drukke tweebaansweg met slechts aan 1 kant een trottoir. Vanwege de markt in Dolonne was het in die richting druk met voetgangers. Wij liepen min of meer tegen de richting in, maar wel op dat enige voetpad. Dan zou je verwachten dat in beide richting lopende mensen daar gebruik van moeten/mogen maken. Zo niet in Courmayeur. Daar lopen ze gewoon tegen je op of gaan er blijkbaar vanuit dat jij uitwijkt naar de rijweg, ook al lopen zij in twee- of drietallen naast elkaar

In het autoverkeer heeft stijgend verkeer doorgaans voorrang op dalend verkeer. Ik weet niet of er voor bergwandelaars ook dat soort regels zijn. In de bergen laat iedereen elkaar zonder problemen passeren. Je kijkt wie er een mogelijkheid heeft om te wachten of wie de zwaarste last draagt of wie net een moeilijk stuk passeert. Je wacht en laat iemand passeren of krijgt zelf die gelegenheid. Verder loop je veelal achter elkaar.

Maar verschillende mensen in Courmayeur gingen voor een rugzakwandelaar niet aan de kant. Zelfs als ik inhield om ze de gelegenheid te geven achter elkaar te gaan lopen. Die weigerachtigheid was temeer bevreemdend, omdat mijn rugzak en ego op sommige punten net iets breder waren dan ikzelf. Het leverde verschillende verbaasde gezichten op en in een enkel geval een licht geïrriteerde uitdrukking als ze mijn rugzak raakten of tegen mijn stokken stootten.  

De verklaring kan verschillende kanten opgaan. Sowieso is er een verschil of je te maken hebt met dames of met heren. Dames doen vanuit hun natuur alles naast elkaar, anders kunnen ze niet praten. Of het nu is in een zwembad, op een fietspad of op een trottoir. In Courmayeur betrof het ook verschillende koppels en echtparen, merendeels van oudere signatuur. Wellicht gingen ze zo op in hun gesprek dat ze die tegenligger niet opmerkten. Mogelijk wordt er vanuit de sekse of vanuit het leeftijdsgevoel een recht op voorrang verwacht? Ik weet het niet, maar vreemd blijft het. Meer onderzoek zal hier noodzakelijk zijn. Ik laat mij op dit punt graag adviseren. 
Kortom het was weer een korte, maar prima wandeldag waarop zo weinig gebeurde dat dit een van de zaken was, die mij opvielen.


ons bivak op de Col Chécrouit vlakbij Refuge Maison Vieille



Toiletzicht
Mooier uitzicht tijdens een stoelgang heb ik niet eerder meegemaakt. Ook al was er in het bos geen stoel, ik genoot deze morgen van de tegenoverliggende bergen met hun schitterende sneeuwdek in de opkomende zon. Ik ben direct daarna nog even naar dezelfde plek teruggegaan om dit beeld met mijn fototoestel vast te leggen. 

Toiletzicht op het massief; les Monts de Peuterey


Het ontbijt bleef beperkt tot meuslipap op een betonnen voet van een oude kabelbaan. 

Vanaf de Col Chécrouit waar Refuge Maison Vieille staat, ging het in een duidelijk wintersportgebied naar beneden. In het niet eens zo grote gebied telde ik al snel zes skiliften. Wij liepen over de route aan de buitenrand van het gebied, maar zagen ook groepen over andere sporen dwars door de skipistes/weides naar beneden gaan. 
Skigebied Plan Chécrouit 
Na de passage van het gehucht Neyron met de Gite Le Randonneur, bleven we lekker lopen in de ochtend zon op de flank van het skigebied en keken uit over de liften, de gesloten horeca-chalets, skistations en zelfs enkele luxere woningen met zwembad midden tussen de pistes. Aan het eind van het skiplateau begon de echte afdaling met een pad door het bos onder een kabelbaan waarover in de winter een soort bus wordt geleid. Halverwege een rust met tweede ontbijt, kwamen tot aller verrassing Hanz und Andrea weer langsWie immer gut gelaunt, und ohne Geld. Dat ohne Geld valt zo langzamerhand wel mee, want ze hebben overnacht in Le Randonneur en gaan nu echt naar Courmayeur. Viel Spass!


Van verre lijkt alles wat je aan bebouwing ziet te horen tot de stad Coumayeur. Maar voordat je Courmayeur bereikt passeer je eerst het dorp Dolonne. Een mooi onderhouden dorp in oude stijl, met overstekende daken boven smalle straatjes. Leuk om doorheen te lopen als afwisseling op de vele bergpaden van de afgelopen dagen. 


Buscamping
Tijdens de afdaling naar Courmayeur hadden we regelmatig naar beneden gekeken en gezocht naar een camping. Uit verhalen van internet wist ik al dat anderen bij gebrek aan een camping een hotel in gedoken waren, maar je wilt het toch ook zelf controleren. Nee, er was geen camping te zien. En dat was nu net wat we wilden. We wilden relaxen op een camping, waar we onze tenten goed konden laten drogen, onze kleren wassen, op het gemak alle spullen schoonmaken en een beetje in de zon liggen. Allemaal bezigheden, die moeizaam gaan op een hotelkamer. Frank kwam op het prima idee bij de toeristeninformatie te vragen naar eventuele campings buiten de stad en dan met de bus daar naar toe te gaan. Daarom zaten we rond het middaguur ineens kilometers buiten Courmayeur midden in de Val Ferret op Camping Grandes Jorasses.


Courmayeur
Nadat we op de camping uitgeklust waren, zijn we met bus weer teruggegaan naar Courmayeur, want enige cultuur tijdens een wandeltrektocht kan ook geen kwaad. We hebben ons daarbij beperkt tot het centrum van de stad, waarbij de eerste prioriteit lag op de vervanging van mijn waterzak. Gisteren was ik er bij toeval achtergekomen waarom het ook zonder regen al dagen vochtig was in mijn rugzak. Uit een minuscuul gaatje bij de opening lekte het gestadig. 

De twee hoofdstraten van Courmayeur in de omgeving van de kerk vallen op door de vele kledingzaken met de bekende mooie Italiaanse modeartikelen. Aan mooie kleding is men in Italie gehecht. Opmerkelijk bij deze eigenschap waren ook de verscheidene rijke, oudere dames met hun gezelschaps- en statushond, die met dure kleding hun uitstraling trachten te ondersteunen. Een enkele keer met succes.
mini-terras in Courmayeur

Berggidssen
Na twee keer de hoofdstraat en een enkele zijstraat oost van de kerk te doorkruisen, bereikten wij de winkel-pijngrens en streken kort neer op een mini-terras van twee meter breed en 60 cm diep. Onze panini was echter voldoende lang om alle shoppers voor de derde keer te zien langs komen. De hoofdstraat west van de kerk doen we daarna in tien minuten. Terwijl Frank op een volgend, breder terras verder ontspant, breng ik nog een kort bezoek aan het museum van de 'Societa Delle Guides'. 


Een vereniging van gidsen, die al in 1850 werd opgericht. Ik verbaas me daar over de prestaties, van pioniers van het alpinisme in de 19e en 20e eeuw. Gekleed in colbert met stropdas werden gletsjers met meegesleepte ladders gepasseerd. Ook een vrouw uitgedost in een enkellange rok bevond zich in het gezelschap. Heel wat anders dan de tegenwoordige lichtgewicht kunststoffen. 
Of wat te denken van een bergexcursie per muildier. De gidsen waren natuurlijk de harde werkers en de klanten van betere komaf zaten triomfantelijk in driedeling kostuum op de beesten. 
Frank en ik zijn hier een soort wisselende mix van. Wij werken ons elke dag met veel inspanning door de bergen en denken triomfantelijk dat het al heel wat lijkt. Totdat we weer door iedereen en nog meer worden ingehaald en we alleen nog maar gewone harde werkers zijn. En toch trekken we iedere volgende dag, ook zonder muildier, opnieuw rijk en triomfantelijk verder. 



Gidsen uit de 19e eeuw (foto van internet)



Monte Bianco dag



Donderdag 21 augustus, wandeldag 8
Van Courmayeur naar Refuge Elena
(± 10 uur incl rusten, ± 1250 m klimmen,± 650m dalen, ± 24 km)


Vandaag was het de mooiste 'massief dag'. We hebben gekozen voor de route, die grotendeels in de Val Ferret bleef, de vallei direct grenzend aan het Massief. Dat pad bleef redelijk horizontaal op een hoogte van ongeveer 1900 meter. Daardoor konden we bij een temperatuur van 22 graden lekker rustig in de zon lopen en naar de 'overkant' kijken. Schitterende panorama's.
Monte Bianco
zicht op het massief in noordelijke richting vanaf het pad in de omgeving van Leuchey
Voor diegenen die de route kennen of op een kaart volgen, we zijn na Refuge Bertone via Alp Leuchey Superieur naar Refuge Walter Bonatti gelopen. Deze route is niet alleen korter met minder hoogteverschil dan over de Mont de la Saxe, maar geeft een veel mooier zicht op de Monte Bianco, de Italiaanse benaming voor de Mont Blanc. Ook de andere toppen, zoals de Grande Jorasses, maken vanaf deze route een grootse indruk. Je loopt over die alpenweides op een zogenaamd balkon.  Hoe het ook heet je hebt hier het beste 'contact' met het massief van de hele TMB.

Camping Grande Jorasses

Onze camping van afgelopen nacht is vernoemd naar de berg die er pal boven oprijst. Gisteren waren we al aan het eind van de middag teruggekeerd uit Courmayeur en sloten we de dag af met een pizzamaaltijd in de receptie-winkel-bar-kantine. En dat alles in een lokaal van acht bij acht meter, zonder een opgepropt gevoel. Waarlijk een ruimtelijke prestatie. 
Familie-camping is hier een juiste benaming. Maar in dit geval in de zin van een familiebedrijf. Tante werd ingezet bij de receptie en de begeleiding naar de tenten. Moeder bakte de pizza's samen met twee zoontjes, die met originele bakkersmutsjes de pizza's rondbrachten, je vertelden dat je de juiste pizza had  gekregen en afrekenden. Papa stuurde en sprong bij. Oma stond achter de bar. Vanochtend hebben we onze lunch ingekocht. Toen stond oma achter de toonbank en waren andere kinderen opgetrommeld om de koffie rond te brengen. Een geoliede machine.

Muildieren
Druk was het in de bus richting Courmayeur. Achterin was nog net een plek naast een aantal oudere lopers en loopsters. In Courmayeur wachtte de gids op ze. Ze gingen verder met de TMB, waarbij hun bagage werd vervoerd op muildieren. Terwijl wij na aankomst onze rugzakken gereed maakten voor de wandeling, luisterde ik ook nog even mee naar de instructies die ze kregen. Mooi geluk hadden ze. Er werd op horloges gekeken. Misschien liet de gids wel alle horloges gelijk zetten. Ik weet het met mijn ontbrekende kennis van het Italiaans niet echt zeker, maar alles leek erop dat ze voor vertrek nog even in de stad mochten rondlopen. Mazzelkonten. In mijn fantasie hoor ik de gids nog roepen 'maar wel op tijd terug, hè!' Je moet ook streng zijn voor die zeventigjarigen.
Later toen wij bezig waren met de klim naar Refuge Bertone moesten we zo'n groep passeren. Zij naar beneden en wij omhoog. Het is net een soort cruise, maar dan met een muildier. 



De Italiaanse familie

dit was wel een oud gebouw
Via de kerk en het gidsenmuseum liepen we naar de buitenrand van Courmayeur. Veel van de huizen die we passeerden waren opgetrokken in traditionele stijl. Maar dan in een retro-stijl. Als je wat langer keek zag je namelijk dat de meeste huizen helemaal niet oud waren. 
Huizen in aanbouw lieten zien dat er om een modern betonnen casco oud aandoende planken en balken op de traditionele manier werd aangebracht. Tot en met nep-deuren aan toe. En toch gaf het een eigen sfeer. Zeker ook door de vele zware leien tegels als dakbedekking. Een methode die hier zo te zien nog bewust in ere wordt gehouden.

Terugblik op Dolonne en Courmayeur onderweg naar Refuge Bertone


Bijna bij Refuge Bertone zagen we hoe het transport ook anders kan. Met een helikopter werden aan een kabel grote transportzakken afgeleverd en afval mee terug genomen. 




Refuge Giorgio Bertone
Op het terras zat het gezellig vol met vakantiewandelaars. Mensen die er heerlijk met een kleine rugzak op uitgetrokken waren vanaf de campings uit de Val Ferret. Deze refuge is ook een mooie stop op een dagtocht. Velen gingen verder om over de hoge Mont de la Saxe naar Refuge W. Bonatti te lopen. 
Refuge Walter Bonatti
Die velen bestonden regelmatig uit gezinnen of vriendengroepen. Zeker anders dan in Zwitserland, en ook veel meer dan in Frankrijk, kwamen we op dit traject en bij deze twee refuges hele families tegen, genietend van het wandelen op deze prettige paden en genietend van elkaar. Familie en gezin zijn hier blijkbaar meer gewoon om met elkaar op pad te gaan. 

Tussen de beide refuges, vernoemd naar de voor ons sinds vandaag bekende Italiaanse bergbeklimmers Girogio Bertone en Walter Bonatti, zagen we niet alleen panorama's. Kort na het verlaten van de Refuge Bertone kun je bijvoorbeeld goed de inrit van de Mont Blanc-tunnel zien. Zeker met de zoomlens van Frank.
in de diepte de ingang van de Mont-Blanctunnel aan de Italiaanse zijde
Skitstation Mont Frety waar je ook een terras en een museum hebt, met de lens dichtbij gehaald.
Op de berghelling ten noorden van de Mont-Blanc was ook te zien dat de Italianen werken aan de modernisering van de kabelbaan die vanuit het dal bij La Palud start en via een aantal overstappen over het hele massief naar Chamonix loopt. Je schijnt er een schitterend uitzicht te hebben op de verschillende toppen en de grote gletsjer 
Glacier du Geant. 
Naast een bezoek aan Courmayeur is zo'n tocht met deze kabelbaan ook het proberen waard. Voorlopig zagen wij het vanaf de overkant van het dal. Wat zij aan de overkant bij skistation Mont Frety niet zagen, maar wij hier wel, was een net geboren lam. Iets wat wij als echte agrarische deskundigen weer niet verwachtten in augustus.

Halverwege naar Walter (die van Bonatti) hebben we er tijdens onze picknick op ons gemak van genoten; het landschap, de zon, de worst en de geitenkaas. Je wordt overigens zelf ook weer in de gaten gehouden.


Gedoogd
In de oorspronkelijke planning stond Refuge Bonatti als eindpunt voor deze dag al met een vraagteken genoteerd. Uit ervaring weten we dat naarmate wij vorderen op een trektocht de planning minder strak wordt. Zeker op deze TMB met al die refuges plak je er zo weer een stuk aan vast. Om 15.30 waren we bij Refuge Bonatti. Te vroeg om te stoppen. Net als eergisteren besloten we om verder te trekken. Dit keer naar Refuge Elena. Frank berekende meteen dat we morgen naar Champex Lac konden lopen. Dat gaan we morgen wel bekijken. Even weer lekker rusten en dan verder. 

Terugblik op de Val Ferret met Refuge Walter Bonatti alweer een stuk kleiner (links midden op de foto)
Binnen een kwartier ziet Bonatti er al een stuk kleiner uit. Walter tot ziens. We gaan niet, zoals op mijn kaart en in de gidsen als officiële route staat, naar het dal, maar blijven heerlijk op hoogte lopen op de flanken van deze vallei. Na een uur komen we ter hoogte van de parkeerplaats Arnouva beneden in het dal. Een doorsteek naar het pad richting Refuge Elena zit er helaas niet in en de route dwingt ons met lange lussen naar beneden. Daar wachtte ons de plezierige kennismaking met Chalet Val Ferret.  

Zonder planning zaten we alweer op een terras. Als Nederlander moet je tegen half zes ook weer wat eten en drinken. En huppetee, weer een bier, een cola en een panini. Die Italianen hebben er echt kijk op.


Terugblik op de parkeerplaats Arnouva en Chalet Val Ferret
Na de rust gaat het nog een uur over bergweides omhoog naar Refuge Elena. De avondzon begeleidt ons tot halverwege de klim. In de schaduw gaat het tenslotte naar het einde van de Val Ferret. 
Het einde van de vallei. 
Eenmaal bij de Refuge is het rond halfacht verlaten. Nergens zijn tenten te bekennen. Binnen is het echter een drukte van belang. Dat hoeft niet bijzonder te zijn, maar in deze refuge hangt een andere sfeer. Een moderne, luxe sfeer. Men is hier met een soort aperitief bezig, om zo dadelijk te gaan dineren. 
Dit is meer een hotel-restaurant op een verlaten plek. Bij de bar vragen we onze waterzakken te vullen. Dat moeten we maar doen bij de toiletten. Naar het toilet mogen we niet, want daar is net een tweetal schoonmaaksters bezig. Als we teruggekeerd aan personeelsleden in keurige kleding vragen of en waar je hier mag kamperen, wordt er onderling overlegd. Zo te zien weten ze dat het niet van de hotelleiding mag, maar als we nu aan de rechterzijde uit het zicht blijven dan weten zij zo te voelen van niks. Oké dan. 


Na wat heen en weer zoeken installeren we ons op een plek die redelijk aan de wensen van beide partijen voldoet. Geluk dat we al bij Chalet Val Ferret iets gegeten hebben. We gaan terug naar het voorterras van de refuge en bellen met thuis. 
Daarna gaan we naar binnen en omdat iedereen in de eetzaal zit hebben wij in de barruimte vrije keuze. Dat zal straks wel gezelliger worden denken wij nog hoopvol. Maar net als in Maison Vieille gaan al deze mensen na de maaltijd naar hun kamers. Die gaan er vannacht of morgen zeker flink tegenaan. Alleen een ouder Zwitsers echtpaar kwam onze kant op. We hebben er genoeglijk mee gesproken over hun wandelervaring. Dat bracht ons weer even op aarde. Met hun zeventig plus deden ze niet meer echt aan klimmen, maar klautertrajecten nog wel. Als idee voor een volgende trektocht adviseerden ze ons der Dolomiten Höhenweg nr. 1. Wij beloofden dit te onthouden. 
Net als ons bier sloeg na twintig minuten vragen stellen ook dit gesprek dood. Om 21.20 is echt iedereen naar de kamer en zitten wij als niet hotelgasten als laatste in de bar. De relatie met de dames achter de bar is door ons geciviliseerd gedrag een stuk gastvrijer geworden dan aan het begin van de avond. Maar als gedoogkampeerders willen we de gastvrijheid niet teveel oprekken. Voor tienen liggen ook wij op onze luxe lichtgewicht luchtbedjes met gletsjeruitzicht. 
Bivak bij Refuge Elena met zicht op de Glacier de Pre de Bar



Openluchtmuseum

Vrijdag 22 augustus, 
wandeldag 9
Van Refuge Elena naar Camping Les Rocailles bij Champex-Lac
(± 10 uur incl rusten, ± 895 m klimmen,± 1485m dalen, ± 27 km)



 
Het begin van de afdaling van de Col de Ferret in de ochtendzon
'De afdaling naar Ferret is een teleurstelling: op deze 'snelweg' voor bergwandelaars is het vaak een drukte van belang met trailrunners, TMB-wandelaars, muildieren met TMB-bagage, mountainbikers en nordic walkers.' 
Zo beschrijft Noes Lautier het in haar boekje. Het zou goed kunnen, maar wij kwamen slechts enkele wandelaars tegen en een herder. 
Nou moet ik eerlijkheidshalve zeggen dat we al om 07.30 zonder ontbijt waren begonnen aan de klim naar de Grand Col Ferret. Als ik er nu bij het schrijven van dit blogbericht aan terugdenk waarom we dat deden, kom ik als eerste op de reden dat we de gastvrijheid van het personeel van Refuge Elena niet wilden teleurstellen en op tijd uit het gezichtsveld wilden verdwijnen.
Zelfs de hond van refuge Elena zag ons graag vertrekken
Of mijn donzen slaapzak wordt slechter of het was echt koud, maar vanaf middernacht heb ik voor het eerst in deze zak met een fleece aan gelegen. Het was op deze hoogte en zo dicht bij de uitlopers van een gletsjer een koude nacht geweest. Toen we tegen 06.30 opstonden was het drie graden. Later op weg naar de Grand Col Ferret zagen we de rijp op het gras.
Halverwege de klim naar Grand Col Ferret een terugblik op refuge Elena
Warme thee hadden we nog wel gedronken, maar daarna gingen we direct op pad. Door de vermoeidheid van de lange dag van gisteren en door de abrupte start kostte het bij deze lage temperaturen moeite om op gang te komen. Vanwege de kou had ik teveel kleren aangehouden en zweette daarom op het steile slingerpad naar de col. En als je eenmaal bezweet bent koel je ook twee keer zo snel af als je even stil staat. Dus dan maar niet stilstaan.

Eenmaal boven op deze hoogste col van de officiële TMB (2537m) konden we lekker in de zon ontbijten. Met het opschrijven van het ontbijten in de zon weet ik ook meteen weer dat dit de echte reden was waarom we zonder ontbijt vertrokken. Elena lag toen wij opstonden voorlopig nog in de slagschaduw van de bergtop Tete de Ferret. Dat zou een bibberontbijt zijn geworden. Ik vond de eerste reden, dat wij uit dankbaarheid voor de overnachtingsmogelijkheid zo snel weg wilden bij Elena, ook al zo gezocht.

Col de Ferret; weer een col bedwongen
De rest van de dag ging het lang naar beneden. Van Grand Col Ferret (2537m) over een afstand van 20 km naar Issert (1055m). Vandaar volgde de tweede en afsluitende klim naar Champex-Lac. Die lange afdaling was weer echt de Tour du Mont Blanc: vrolijk van het ene terras naar het andere, maar dit keer in een openluchtmuseum. Eerst was er ongeveer een uur na de col het terras van La Peule.
Oorspronkelijk een boerderij, nu een stal met slaapplaatsen. Voor ons koffie met gebak. Daarna via het gehucht Ferret in een uur naar La Fouly over brede steenslagpaden en asfalt.
Ferret








La Fouly, een dorp met de eerste oude huizen en bij binnenkomst een ruim terras van een echt restaurant, waar wij stopten voor een vette lunch. Een heerlijke grote omelet met een halve liter cola ging er soepel in. Ach, je loopt het er daarna ook weer net zo soepel af. Alles in een heerlijke zon, 22 graden, strak blauwe lucht. Wat in het begin van de TMB zo tegenzat wordt met rente goed gemaakt, een superdag.

Wat ons in Zwitserland opviel was de afwezigheid van wandelende families. Verder misten we na Fouly een aantal bekende gezichten. Wellicht hebben die de bus genomen. Daar zijn wij niet van. We hebben gewoon het misschien niet super spectaculaire stuk naar Issert gelopen. Het is mooi en interessant genoeg door de oude boerendorpjes die je passeert. In Fouly negeerden we de verwarrende markering en bleven we op het goede pad met de route die op onze kaart stond. Tussen Fouly en het dorp Praz de Fort volgde het pad de beek 'Drance de Ferret'. Een beek met een breed stroombed, waar het tijdens de dooi woest te keer moet gaan. Het laatste stuk gaat het meer op en neer over de beboste helling boven deze beek, om in de buurt van het dorp over te gaan in een vreemde hoge dijk waarin een waterpijp is verstopt.
Het brede bed van de Drance de Ferret
Praz de Fort was een aaneenschakeling van oude boerderijen en stallen, waar goed te zien was dat hier nog veel met hout gestookt wordt. Verwend als we inmiddels zijn, spieden wij voortdurend naar een terras, maar dat zit er dit keer niet in. 







Ook het stuk naar Issert was een echt vriendelijk landelijk weidegebied. Over het asfalt lopen is niet spectaculair, maar je hebt alle tijd rond te kijken en te zien hoe men hier vroeger huizen bouwde.



Pauze op een terras, daar was het in Issert weer hoog tijd voor. En wie zat daar ook tot onze verbazing; HanzHanz voelde zich niet misselijk, maar wel een beetje ziek en daardoor te zwak om de laatste klim van de dag naar Champex-Lac te maken. Hij wachtte op de bus. Andrea was nergens te bekennen. Andrea, hij sprak nu over seine Frau, was alleen verder gegaan. Hij was misschien toch erger verzwakt dan gedacht, want vorige week was het nog zijn vriendin. Andrea had op ons al eerder een sterke indruk gemaakt. Later in de middag toen wij door Champex-Lac liepen op weg naar de camping, hing zij zwaaiend uit het raam van hun pension. Hanz was goed aangekomen. Bis Morgen riep ik nog in mijn enthousiasme. Dat had ik beter kunnen laten. We hebben ze niet meer gezien.

Het 400 meter hoogteverschil naar Champex-Lac werd vooral door het bos overbrugd. Een lokaal kunstenaarscollectief had daar zijn best gedaan de route voor ons op te fleuren met houten sculpturen.


Bij de binnenkomst van Champex-Lac zien we van bovenaf een artillerie houwitser staan. We zijn doorgelopen. Thuis lees ik dat er een artilleriefort is, dat herinnert aan de verdedigingsstrategie van het Zwitserse leger. Het bevindt zich volledig ondergronds en omvat naast verdedigingsposten en artillerie vuurposities, een ziekenboeg, rustkamers en een keuken. Allemaal gemist. Soms is de cadans en de wens naar het eindpunt sterker dan de nieuwsgierigheid. 

Eenmaal door de rand van Champex-Lac heen ontvouwt zich een enigszins mondain tableau met een prachtig meertje, hier en daar omzoomd door statige hotels en knusse restaurants. We laten het op ons inwerken, kijken nog wat rond en proberen uit te dokteren waar de camping is. Aan het eind van zo'n dag is zelfs Champex-Lac nog lang. 
De camping Les Rocailles lag aan het andere einde van het dorp. Een prima kleine camping met vaste bewoners en twee veldjes voor de trekkers. Lekkere warme douches, dus je bent als trekker al snel tevreden. De dag hebben we afgesloten met een uitstekend diner in restaurant Relais de Campagne. Toen we eindelijk door hadden dat de prijzen in Zwitserse francs waren aangegeven en niet in euro's, smaakte het nog beter. 

Onze progressie was weer goed vandaag. Hoewel niet ons uitdrukkelijke doel, hebben we de laatste twee dagen drie van onze oorspronkelijk geplande etappes gelopen. Gek idee, morgen wordt het al onze laatste wandeldag. Naar de Col de la Forclaz, waar hopelijk de auto nog staat.




Planningsfoutje, ga verder naar af.


Zaterdag 23 augustus, 
wandeldag 10
Van Camping Les Rocailles bij Champex-Lac, via Alpe Bovine naar de Col de la Forclaz
(± 5,15 uur incl rusten, ± 660 m klimmen,± 600m dalen, ± 14 km)



Vervroegd naar huis
Vreemd, je loopt voor je plezier 180 km. Je hebt er voldoende dagen voor uit getrokken. Er is geen reden voor haast. Er is zelfs ergens nog een reserve dag. En toch doet een planningsfoutje je met vreugde flink doorlopen naar het einde, want dan kunnen we misschien meteen aansluitend in de auto stappen en naar huis rijden. Zullen ze thuis mooi opkijken. Het slaat eigenlijk nergens op, maar het was iets onverwachts, een nieuwe uitdaging. 
authentiek Zwitsers horloge in Champex d'en Haut
Op een of andere manier heb ik eind 2013 in de etappeplanning voor vandaag een veel langere looptijd overgenomen of uitgerekend; namelijk 8 uur. Toen had ik natuurlijk het boekje van Noes Lautier nog niet, waar alle tijden keurig in staan. Op basis van die verkeerde planning hadden we ons ingesteld op een aankomst op de Col de la Forclaz laat in de middag en daarmee pas de volgende dag een vertrek naar huis. Toen Frank echter gisterenavond de tijden in de gids optelde, kwam hij niet verder dan 5.15 uur. Met de aansluitende conclusie dat we dan vroeg in de middag op het eindpunt zouden zijn, hielden we nog heel veel dag over. Eindeloos rondhangen op de Col de la Forclaz, waar we al een keer hadden overnacht, trok ons niet echt. Het plan voor het vervroegde vertrek werd snel met honderd procent voorstemmers aangenomen.
voorstemmers in Champex d'en Bas
Laffe aanloop
Al snel na verlaten van de camping bevestigden de routebordjes dat we nu wel op de goede tijdsindeling zaten. Nog beter, we bleven zelfs binnen de aangegeven tijden. Dat was ook niet echt verwonderlijk. Niet alleen zijn we in conditie en willen we snel naar het einde, ook ging het lekker soepel over asfalt licht naar beneden door de kleine dorpjes Champex d'en Haut en Champex d'en Bas. Zo wandelden we ontspannen in een leuke omgeving met Hans-en Grietje huisjes, langs een beek in de ochtend zon naar de eerste horeca bij Plan de l'Au.



Laatste testklim
Om voor ons TMB-examen te slagen moesten we op deze laatste dag nog wel even over de Alpe Bovine. Vanaf Plan de l'Au steeg het aanvankelijk nog gematigd door het bos. Maar waar het bos ophield ging het pad over op een tweede versnelling. Heel gemeen vanuit het al stijgende pad ineens een paar tandjes erbij. Echt een kuitenbijter om maar in wielertermen te blijven. 
net liepen we nog aan de overkant
Bij het bereiken van een rotsig stukje vals plat gevolgd door het overschrijden van enkele beken op het keerpunt bij het vallei-einde, zagen we op de tegenoverliggende helling al een erg raar steil stukje geel zanderig pad. Het leek zo steil dat het niet voor ons bedoeld kon zijn. Maar andere keuzes bleken er niet. Omhoog dus maar weer. Ook na dit stukje klom het nog lekker door. Net toen we wat gelijkmatiger weideterrein bereikten, liepen we de wolken in en was het uitzicht helaas weg. 

Eenzaam in de mist

De boerderij, annex winkeltje met terras, dook langzaam op uit de mist. Om er te komen moesten we eerst door een kudde herkauwende koeien, die gelukkig lekker bleven staan en liggen. Het terras was afgezet om ons binnen, en de koeien buiten te houden. Binnen in de boerderij was het behaaglijk warm en onthulde zich in het spaarzame licht een keur van zelfgemaakte en lokale lekkernijen. Verder was men hier ook zo gastvrij en slim om op een bord aan te geven dat het nuttigen van eigen meegebrachte lunchpakketten was toegestaan. Weer eens wat anders, wat vriendelijker dan de gebruikelijke benadering. Voorlopig kom je wel binnen, bestel je wel koffie en bij nader inzien ook nog een koek.




Wij voelden ons niet eenzaam in de mist, maar ik kan mij voorstellen dat de bewoners van de boerderij boven op de alpenweide van de Alpage de Bovine dat soms wel zijn. Een weg of pad voor een voertuig heb ik niet kunnen ontdekken. Ze zijn natuurlijk voor een deel zelfvoorzienend, maar veel zal met muildieren of helikopters omhoog gebracht worden. Ik neem aan dat de bewoners in de winter teruggaan naar het dal?  Je zult toch het jonge meisje zijn dat ons bediende.


Het was jammer dat er mist hing, want bij helder weer heb je een prachtig zicht op de vallei waarin de stad Martingy ligt. Nu moesten we het doen met een vriendenclub, die op deze zaterdagochtend al vroeg gezellig aan de wijn zat. Maar dan wel met Gods goedkeuring. 





Met de vrouwenclub naar het einde
Het was niet te vermijden maar we kwamen er midden tussen te zitten. Na het verlaten van de Alpage de Bovine klom het nog een kwartier en daarna ging het voornamelijk door het bos naar beneden. Bij het passeren van een lager gelegen alpenweide zaten ze in koor hun verhalen te vertellen zoals dat hoort. Gelach en geschetter door het woud en over de alm. Dit was duidelijk een vrouwenparty. Als man moet je dan niet stoppen voor een praatje. Rustig passeren, vriendelijk knikken en vooral doorlopen. Alle drie activiteiten werden volgens mij niet eens opgemerkt. 


Met zicht op de haarspeldbochten van de weg van Martingy naar Chamonix ging het verder op de flanken van de berg. En die weg zagen we op het laatst voortdurend, maar steeds maar niet het hotel en de col. Het einde duurde ineens heel lang.
Hotel Col de la Forclaz vlak voor het einde van de wandeling
Drie kwartier later, niet te ver meer voor de Col de la Forclaz kwamen ook de dames aan gekwetterd. De snelste groep voorop en dus ons snel voorbij. De kleine achterhoede, pratend in een zwaar Zwitsers-Duits dialect, passeerde ons net voor de col. En dan ineens, terwijl je dat allang ziet aankomen, sta je op het eindpunt. Het blijft zoals altijd apart om een trektocht te beëindigen. Opeens is het doel weg. 
Pas nu bij de Col is er sprake van enig contact tussen ons en de damesgroep. Beide groepen, wij en zij beëindigen hun wandeling en willen dit vastleggen voor de verslaglegging en het nageslacht. Dan ontstaat er een lacherige sfeer want je moet er wel goed opkomen. Beide groepen zijn ook trots. De damesgroep heeft een prachtige, sportieve en vooral gezellige dagwandeling gemaakt en wij hebben tenslotte gezond en tevreden wel even de mooie Tour du Mont Blanc afgesloten. Frank en ik feliciteren elkaar. Het was opnieuw een prachtige trektocht. Het was weer een klein avontuur. Dat nemen ze ons niet meer af! 
En nu naar de auto en als een speer naar huis.





Review

Monte Bianco aan de Italiaanse kant

Al in mijn eerste blog over deze Tour de Mont Blanc vertelde ik dat wij dit jaar meer comfort wilden dan in 2013 op de GR20. Comfortabel in de zin van minder klauteren en meer luxe bij de keuze van overnachting en horeca. De indruk die wij uit de gidsen kregen, bleek in de praktijk geheel te kloppen. Refuges en terrassen wisselden elkaar met regelmaat af en verschillende keren hebben we 's avonds gegeten in restaurants. En het klauteren beperkte zich voornamelijk tot een aantal ladders op het traject tussen Tré-le-Champ en La Flégère. (Tour du Mont Blanc 2014; Tré-le- Champ - Gîte La Flégère)

Mont Blanc aan de Franse Kant

Enkele ervaringen

- Etappeplanning
Door het grote aantal refuges en andere horeca is het betrekkelijk eenvoudig een planning naar je eigen voorkeur te maken. En als het zo uitkomt kun je die onderweg daarom ook weer net zo makkelijk wijzigen. Dat laatste geldt vooral als je met een tent 'vrij in je bewegingen' bent en niet gehinderd wordt door reserveringen.

Waar beginnen? Het meest gebruikte startpunt schijnt Les Houches te zijn. Voor ons was de Col de la Forclaz het dichtst bij Nederland. Met op deze col het gemak van een camping en een hotel-restaurant met parkeerplaats, is ons dat goed bevallen. 

Routebeschrijving; Wij hadden de eerder beschreven Franse gids bij ons en de genoemde kaart (zie Wandelen Tour du Mont Blanc 2014 (TMB); Keuze, omschrijving, voorbereiding en training). Achteraf had ik de etappeplanning het best kunnen maken met behulp van de kaart en het boekje van Noes Lautier. Dat boekje is overigens licht genoeg om mee te nemen.

- Refuges; 
Ze zijn er meer dan voldoende, met tussenafstanden van ongeveer één à twee uur. Wij hebben slechts in 1 refuge overnacht en in een aantal gegeten. Ze waren een stuk comfortabeler dan die op de GR20. Ook de bediening was vrijwel altijd vriendelijk. In onze periode, tweede helft augustus, hadden wij niet de indruk dat ze overvol waren.

- Kamperen; 
Vrij kamperen is beperkt mogelijk. Of het is verboden of het gebied is bewoond of voor andere activiteiten in gebruik. In Italië is het beneden de 2000 meter niet toegestaan. Bij verschillende refuges kan in de buurt worden gekampeerd. Onderweg waren er enkele campings; bij Col de la Forclaz, Les Houches (camping Bellevue) Les Contamines (camping Le Pontet), Les Chapieux (vrij kamperen), La Fouly, Champex-Lax (Les Rocailles). Bij Courmayeur is geen camping. Wij zijn uitgeweken met de bus naar camping Grande Jorasses in de Val Ferret.

- Voeding; 
Door het eten in refuges en restaurants konden we onze twee lichtgewicht Adventure food maatijden ongebruikt mee terug nemen naar huis. De vijf van thuis meegenomen muesli-ontbijten konden voldoende worden aangevuld met brood en beleg uit winkels onderweg.



- Markering; Die is over het algemeen redelijk. Wees er echter op bedacht dat er diverse varianten zijn. Als je niet goed oplet zit je zonder het te weten op een andere dan de hoofdroute. Controleren op de kaart blijft daarom noodzakelijk. Verder zijn de tekens per land verschillend, soms is dat verwarrend.

- Fysieke prestatie; 
Je moet wel een goede conditie hebben, maar de TMB is minder zwaar dan de GR20. Zie verder mijn opmerkingen over voorbereiding en training in het eerdere bericht Wandelen Tour du Mont Blanc 2014 (TMB); Keuze, omschrijving, voorbereiding en training

- Uitrusting
Eerder ooit meegenomen tegen de midgets tijdens een tocht in Schotland en daarna altijd doorgestreept en thuis gelaten; handschoenen. Op sommige momenten waren ze dit keer goed te gebruiken geweest. Maar dan tegen de kou.

- Cultuur; 
Die uit zich vooral in bouwstijlen van woningen en enkele kerken. In Dolonne bij Courmayeur loop je door een mooie oude dorpskern en in Zwitserland waren de vele oude boerenstallen en woningen interessant om te zien.




- Wandelaars; 
Van alle leeftijden. De nationaliteiten; vooral Fransen en Italianen, verschillende Duitsers en Polen, een enkele Brit en nauwelijks Nederlanders. Opvallend waren een aantal groepjes jonge Israëliërs. 
Drukte. Drukker dan op de GR10, ongeveer hetzelfde als op de GR20. Eigenlijk had je nergens last van. Op de enkele momenten dat het druk was kwam dat door dagjeswandelaars of door verzorgde wandelreizen met gidsen. In die groepen troffen we ook mensen uit Japan.


Frank heeft als herinnering weer een triomfsteen gemaakt

Herinnering
De Tour du Mont Blanc zit in de tas. De kilometers zijn weer aaneengeregen. Het blijft mooi. Zwoegen, zweten, om je heen kijken, genieten van het imposante massief met al die besneeuwde toppen en de gletsjers. Die trektochten zijn iedere keer weer een soort luxe ontdekkingsreizen. Iedere keer weer prachtig om te doen.
morgenlucht op de eerste wandeldag.
Morgenrood water in de sloot? Het klopte niet. De regen kwam overmorgen, en daarna de sneeuw en toen de zon, dagen lang. Je zult er maar lopen. Fantastisch!





Op naar de volgende tocht!

5 opmerkingen:

  1. Hallo Frans, jouw verslag was voor mij aanleiding om de TMB ook eens te lopen. Vorige week gedaan. prachtige tocht, prima gites. De motor van 'le Patron' staat nog steeds op de beste plek te pronken bij de refuge de la Nova in Chapieux.
    Om bij wandelingen in Frankrijk 'verdwalen' te voorkomen adviseer ik iedereen op zijn of haar smartphone de app IphiGénie te installeren. Kost ca. € 30 per jaar, maar dan heb je ook toegang tot alle kaarten van IGN op alle schaalniveaus, inclusief luchtfoto's. Het laden van de kaarten doe je in Nederland, dus geen dataverkeer in Frankrijk en met de GPS van je telefoon zie je afwijkingen van de route binnen 10 meter. Het dagelijkse energieverbruik van je smartphone valt reuze mee.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Beste Chris,

      Dank voor je reactie en goed te lezen dat je het naar je zin hebt gehad.

      Dank ook voor de moeite om op de app naar het kaartmateriaal te wijzen.

      Veel wandelplezier in de toekomst.

      Groeten,
      Frans

      Verwijderen
  2. Hallo Frans!
    Dankjewel voor je gedetailleerde omschrijving. Even 2 vragen. Wij liepen vorig jaar ook de GR20 maar toch eens om te checken:
    -Hadden jullie een hoog wandeltempo?
    -Waren er net zoals op de GR20 wat mensen op de weg? Wij leren al graag iemand kennen

    Alvast bedankt!
    Groeten Neil

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Beste Neil,

    • Wij hadden/hebben een laag tempo. Jongeren (20 tot 40 jaar) passeren ons over het algemeen. In de bergen lopen wij gemiddeld 2 km per uur. De eerste vier dagen van de GR 20 lag het nog veel lager.
    • Op de TMB kom je zeker wandelaars tegen die ongeveer gelijk optrekken. Maar omdat je minder gebonden bent aan refuges als op de GR 20 verspreiden die zich meer over diverse overnachtingsmogelijkheden. Het is redelijk druk bewandeld met groepen en dagjeswandelaars, maar niet op een storende manier. Wij vonden de hele entourage qua ondersteuning met o.a. horeca op de TMB duidelijk comfortabeler dan op de GR 20.

    Ik zal dit antwoord op verschillende wijzen verzenden. Laat even weten of het ontvangen is.

    Groeten Frans

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Ik ben de vriendin van Neil en ik laat even weten dat het antwoord is aangekomen, heel erg bedankt! Wij wandelden ook al de GR20 dus het is handig dat je vaak de vergelijking maakt. Hebben jullie mensen leren kennen onderweg TMB? Dit was zeker zo op de GR20, doordat je natuurlijk elke dag dezelfde weg neemt.

      Heel erg bedankt alleszins
      Groetjes Jozefien

      Verwijderen