Welkom


Welkom op mijn trektochten- en wandelweblog. Na maanden van trainingswandeltochten maak ik eenmaal per jaar een trektocht. Meestal in de bergen. Het verslag daarvan zet ik op dit weblog. In 2011 heb ik er voor gekozen ook de dagwandelingen in aparte blogberichten te publiceren. Tegelijkertijd rijg ik die berichten op een afzonderlijke pagina aaneen tot een compleet verhaal. (Zie de rechter kolom). Mijn bedoelingen met deze verhalen staan te lezen in 'Over mij', hieronder in de linker kolom. Veel lees- en kijkplezier.
Groet Frans

woensdag 20 maart 2019

Zuiderzeepad: wandelen van Genemuiden via Sint Jansklooster en Vollenhove naar Blokzijl

Tegenstribbelende lente

Maandag 18 maart 2019
23 kilometer

Wisselend weer
In de trein zat ik met mijn ogen te knijpen tegen de zon. Dat beloofde een prima dag. Dat werd het ook, alleen vooral ten zuiden van Zwolle. Eenmaal in de bus in noordelijke richting, van Zwolle naar Genemuiden, verschenen de eerste grauwe randen in de lucht. De overstap in Hasselt verliep nog net droog, maar daarna kletterde de hagel tegen de voorruit. Op de grens van blauwe gaten in het lichtgrijze wolkendek en opeengedrongen donkere luchten reden we voort. Voorlopig zaten we nog droog en als amateur-meteorologen inschattend naar buiten te speuren. Als de wind nu maar flink naar het noorden blijft waaien, dan moet het goed komen, toch?
Met enige huiver ging deze wandeling tien minuten later in een buitenwijk van Genemuiden van start op een fris gewassen straat. Mentale weerstand bouwde zich versneld op tegen de wispelturige noordelijke weersgrillen tijdens onze eerste stappen naar Genemuiden down town.


Het Hoedenkabinet
Genemuiden in, Genemuiden uit
Genemuiden heeft voor ons steeds minder geheimen. Vanaf de Kamperdijk drongen wij het oude hart binnen via de Langestraat, een soort Amsterdamse P.C. Hoofdstraat met een iets rustiger entourage. Opvallend was de etalage van Het Hoedenkabinet, met een aanbod van stemmig zwarte, mooi gestileerde dameshoeden, dat je niet direct verwacht in een klein dorp, maar toch kenmerkend is voor een serieus protestantse omgeving, waar de kerkgang dit vraagt.
Op deze maandagochtend konden wij midden op straat onze wandeling voortzetten naar de veerpont over het Zwarte Water, waar het beeld van de Oude Veerman blijft uitkijken naar passanten en kruisende schepen.
Opstampend tegen de wind gaat het aan de overkant scherp links over de kade langs datzelfde Zwarte Water. Het afval en afgewaaide riet ligt hoog tegen de lage helling. Je kunt er de waterstand van de afgelopen dagen aan aflezen. Veel hoger moet het niet komen. Frank hoopte nog iets leuks tussen ons welvaartsplastic te vinden, maar alle portemonnees waren al weg. Tuinstoelen, jerrycans, laarzen, petflessen en boodschappen-tassen blijven nog in de aanbieding.


over de kade langs het Zwarte Water
Barse lente
Na het vlakke van de buitendijkse weides en de binnendijkse polder achter de Oppen Swolledijkstraat valt bij de Barsbeek op dat er langzamerhand een lichte glooiing in het terrein is waar te nemen.
Op een geschiedenis website over Noordwest Overijssel lees ik:
Barsbeek is een dorp ten zuid-oosten van Vollenhove, op een keileemverhoging in het landschap. Eigenlijk is het geen dorp in de zin van een dichte bebouwing langs een weg of in een dorpskom. Het betreft verspreid staande huizen en boerderijen op de keileemverhoging die vrij uitgestrekt is. In het noorden van die keileemverhoging ligt het gehucht Heetveld. In onze tijd heet de gehele weg van St Jansklooster naar het zuid-oosten langs de uitgeveende gebieden rond het Beulakerwijde 'Barsbeek'.
De genoemde verspreide bebouwing gaf qua onderhoudstoestand een opmerkelijk wisselend aanbod aan boerderijen en huizen, variërend van verwaarloosde onderkomens, tot prachtig herstelde en tot woningen omgebouwde boerderijen. Hier en daar nog een echt boerenerf met gigantische kuilgrassilo's en grote loopstallen. Waarschijnlijk hebben deze veehouders het land van de uitgeboerde collega's opgekocht of gehuurd.
Sommige ouder wordende ex-boeren hebben blijkbaar geen energie of geld meer om al die schuren en stallen te onderhouden. Bij enkele triest wegkwijnende opstallen, met treurig gesloten gordijnen, klapperen openstaande deuren in de gure wind en vallen de gaten in de asbestdaken of staan alleen de kale dakbalken nog overeind, te wachten op instorten of omvallen.

Dit schaap kon het niet meer aanzien en is er op de Barsbeek mee gestopt.
Behalve in Poepershoek vlakbij Sint Jansklooster. Daar poepen ze zeker geld. De meeste huizen staan er daar prima onderhouden bij en staan te genieten van hun uitzicht op de prachtige rietkragen van de Wieden.
Toch zijn er links en rechts de eerste tekenen van lente. Voorzichtig is een waas van lentebloesem te zien en op verschillende nesten bespreken ooievaars het opknapschema van de behuizing. Zij wel.



alle horeca was gesloten in Sint Jansklooster, misschien hadden we toch hier moeten stoppen
Sint Jansklooster
Zou Evert van Benthem hier hebben leren schaatsen vragen we ons af als we de lokale schaatsbaan passeren. Hij ligt er nu droog en kaal bij. Net zo kaal als de rietvelden erachter. Je kunt zelfs flitsen zien van de Beulakerwijde zo pril en onbevangen is het voorjaar nog. 
Veel zal er ook dit jaar weer niet zijn geschaatst. Misschien heeft Evert daarom Sint Jansklooster ingeruild voor Canada. Jammer. Of was hij uitgekeken op Sint Jansklooster? Wij wel. Met een onbedoelde overstap op het Havenzatenpad, dat dezelfde markering gebruikt als het Zuiderzeepad, zagen we nog meer dan verwacht. Voor de afleiding maakte Frank nog een fotostudie van een dakmosegel en van een tuin met klompen. 'Zeker een vergadering van het regionale waterschapsbestuur' ontspruit mijn platgetreden fantasie. Geen horeca geopend, een ongemakkelijke korte rust buiten bij de supermarkt op zakken met potaarde, daarna een koude tweede onderbreking bij de mooie Monnikenmolen naast de gesloten ontvangstruimte en voorbij was Sint Jansklooster. 
Hoge land van Vollenhove
De monniken van Sint Jansklooster hebben in het verleden hier niet bij toeval hun klooster gebouwd. Het gebied tot aan Vollenhove bestaat uit hogere en lagere keileembulten die meters boven de zeespiegel uitkomen. Op sommige plekken tot zelfs tien meter. Ook het voormalige eiland Urk meer naar het westen was zo een keileembult.
Op weg naar de oude Zuiderzeekust zagen we dat het ook direct een andere uitstraling heeft dan het veengebied bij Genemuiden. Mooi wandelen in de luwte van kleine bospercelen en eindigen bij het door bos en prachtige tuin omgeven landhuis Den Oldenhof . Een prachtig stuk.
Om bij Vollenhove te komen liepen we langs de oude Zuiderzeekust. Van die zee is nu niet veel meer over dan een smal randmeer, het Kadoelermeer, dat aan de zijde van de Noordoostpolder de passende naam van Vollenhoverkanaal krijgt. Onderweg op de dijk heb je niet zoveel met elkaar te bespreken. Daarom hebben ze hier een kunstwerk neergezet waar chronisch geïnteresseerde geesten als wij van ver af al beginnen te bepalen wat voor object of onzin we nu weer naderen. Het leek op een de uitbeelding van een overslaande golf. Alleen sloeg de golf dan vanuit het achterliggende land terug in zee. Waarschijnlijk toch iets anders.
Er zijn blijkbaar nog inventievere brainstormers dan wij. Het moeten de staartveren voorstellen van een onderduikende watervogel. Toen we er bij stonden zagen we het ook. Vooral die traptreden tussen die staartveren maakte de vergelijking compleet. Watervogels, schitterende beesten. 
Tot vlak voor Vollenhove liep het regelmatig aangenaam in de zon. Maar zoals het spreekwoord zegt 'na zon komt hagel'. Frank vond hagel niet zo erg, want die valt van je af. Onze hagel was van een tweeslachtig type en bij het binnen lopen van Vollenhove drong het diep door in mijn broek. Tijd voor koffie. Maar dan niet in Vollenhove maar nog even vijfenhalve kilometer doorlopen naar Blokzijl. Vollenhove was op deze maandagmiddag in maart wel mooi, maar ook mooi gesloten. 

Blokzijl
Het prettige van alsmaar doorlopen is dat je warm blijft. En zo loop je in een natte broek verder langs het oostelijke deel van het Vollenhoverkanaal waar we afwisselend in hagel en zonneschijn, vijfenhalve kilometer over het fietspad ongestoord voortsnelden met de wind half op de kop. Dit keer wel mooi tussen echte watervogels.

Langzaam werd de kerktoren van Blokzijl groter tot we eindelijk voor de haveningang stonden. Nieuwsgierig traden we de stad binnen en werden aangenaam verrast door de ruime binnenhaven omgeven door strak en rijk onderhouden oude handelshuizen. Een genot om in maart rond deze nog stille passantenhaven omgeven door prachtige gevels te lopen. 




We liepen door tot aan de sluis. Bij restaurant Kaatje aan de Sluis herinnerde Frank zich nog een genoeglijk diner ter gelegenheid van de vijfde huwelijksdag. Een prachtige avond, die na uitval van de auto eindigde met een berging door vrienden en een thuiskomst met gezakte stemming in de late nanacht. Ze hebben het er thuis nog over merkte ik. 
Kaatje aan de Sluis was geheel in stijl gesloten. Maar bij het Mauritshuis hadden we voor het eerst vandaag horecageluk. Heerlijke appeltaart en vriendelijke bediening sloten deze dag op een prettige manier af. Lekker zitten en de spieren laten verstijven om zo dadelijk met met versteende tred naar de bushalte te kreunen. Voorlopig hebben we weer zelf onze wandelspieren goed aan de tand gevoeld voordat de tand des tijds ze afbreekt. Dat doen we zelf wel.

De dagverslagen worden verzameld in de pagina
Zuiderzeepad: wandelen rond het natte hart van Nederland

donderdag 21 februari 2019

Zuiderzeepad: wandelen van station Kampen naar Genemuiden

IJsseldelta

Woensdag 20 februari 2019
19 kilometer

over de Slaperdijk langs de Goot richting Genemuiden
Dijkenmars
Dijkenmars, een begrip dat in mijn verre verleden gekoppeld was een afknijpoefening. Nu beleefden we een rustige aaneenschakeling van kilometers over de Nederlandse vorm van een berggraat in het landschap. Branderdijk, Kamperzeedijk, kilometers Slaperdijk en ten slotte een stille omgang van zeven kilometer rond de Zuiderzeepolder over grasdijk nummer 104 langs de Veneriete, het Zwarte Meer en het Zwarte Water tot in Genemuiden. Meters hoog verheven boven het groene vlak keken we weg, om ons te verdrinken in de leegheid van deze delta doorsneden met vaag bekende en onbekende waters. Het is dat we foto's hebben genomen en toch nog hier en daar een vraag uit het landschap peurden anders zou deze verbindingsroute tussen Kampen-IJsselmuiden en het Weerribben en Wiedengebied nu al uit ons geheugen zijn gespoeld.
op weg naar Grafhorst over de Branderdijk
Seniorenstraat
De rit naar de parkeerplaats bij Station Kampen verliep probleemloos. In de planning hadden we afgezien van openbaar vervoer, omdat de terugreis van Genemuiden naar huis de nodige tijdslurpende overstappen met zich mee zou brengen. De busreis terug naar de auto bij Station-Kampen zou slechts twintig minuten vergen. Zou, omdat je dan wel de goede vertrektijd gegoogeld moet hebben. 
Direct na de start was het even aftasten om op de route te komen. Een keurig gemarkeerde route, die wij zoals gewoonlijk snel kwijtraakten door onze weidse blik. Wij zijn van de grote lijnen en zien pijltjes naar steegjes over het hoofd. 
Dorpskerk van IJsselmuiden
IJsselmuiden-centrum bereikten we via de dorpskerk aan de Dorpsweg. Vermoedelijk is dit ook het oudste deel van het dorp, want daarna daalden we letterlijk af naar na-oorlogse wijken. Opvallend was dat de routekeuze ons leidde door een straat met honderden meters seniorenwoningen en wellicht hier en daar zelfs ouden-van-dagenappartementen. Tweehoog en aan beide zijden van de straat. Onze passage was voor een enkele bewoner het hoogtepunt van de ochtend.
Dat deze weg eindigde bij een ruim begraafplaatsencomplex was voor ons geen bezwaar, maar dat kan afhankelijk van de stemming anders worden ervaren. Je kunt er trouwens naar geloof gescheiden kiezen voor een rustplaats. Zo passeerden wij ook een Joodse begraafplaats. Opbeurend, zo lazen wij boven de ingang, is de gedachte dat wij nog tijd hebben om ons te bekeren. Maar eerst nog even Genemuiden zien.
Eilandbrug Kampen
We wurmden ons via allerlei binnendoorstraatjes IJsselmuiden uit en belandden met wat geslinger op de Banderdijk richting het dorpje Grafhorst, dat ook stadsrechten schijnt te hebben. Vanaf deze dijk doemde onze eerste landschapsvraag op. Wat is die tuidraadbrug in de verte en over welk water gaat die? De brug lijkt op de Erasmusbrug, maar die werd niet bij de mogelijke oplossingen betrokken. Een van de gokken was een brug in de N50. Maar over welk water? De afstand en richting verschillenden te veel van een brug over het randmeer. Al lopend kwamen wij er niet uit. 
Grafhorst aan het Ganzendiep
Grafhorst bood ons een variëteit aan woonhuizen, die niet allen zouden leiden tot een woningruil. In Wikipedia wordt vermeld dat het stadje in 1849 vrijwel geheel is verwoest door een brand. Dat kan een verklaring zijn. 

Op naar Pet-Tea
Wat ik tevoren ook onvoldoende nauwkeurig op internet had uitgezocht waren de openingstijden van Theetuin Bet-tea. Vanaf tien uur verwachte ik een welkomscomité, maar zie nu dat ze pas vanaf 1 mei wakker zijn. Een ja-neetje: het bestaat wel, maar is niet open. Ook al roept een bordje naar binnen, de deur bleef dicht. Mooi pet.
Leven bij zorgboerderij de Pieperhoeve
Na de rust op het buitenverblijf van Bet-tea vervolgen we nog kort over het fietspad langs de drukke Kamperzeedijk tot we bij het gehucht Lutterzijl deze dijk inwisselen voor de Slaperdijk. Een toepasselijke naam voor een dijk die er niet meer zo toe doet, maar nog wel stoer het land in tweeën splijt. Het waterschap Drents Overijsselse Delta vindt hem blijkbaar belangrijk genoeg om er om de tweehonderd meter keurige afstandsbordjes op te zetten. Je zou maar eens verdwalen of niet goed kunnen uitleggen waar de dijk het begeven heeft.
Langs de Veneriete
Wij banjerden kilometer na kilometer verder door het korte hobbelige wintergras. Eindelijk bij zorgboerderij de Pieperhoeve een bank. Een tweede rust. Maar er was meer bij de Pieperhoeve. Tot op dat moment hadden we zelf hier en daar wel mensen gedag gezegd, maar veel respons bleef uit. Hier echter zagen we jonge mensen, al dan niet op een tandemfiets, die ondanks of misschien juist door hun handicap, nog plezier in het leven hebben en je spontaan gedag zeggen en er bij lachen. 
Met een glimlach op ons gezicht liepen we even later over de sluis van het Veneriete afwater-ingskanaal, dat contactmoment zat weer in de pocket. Een wandelhand is snel gevuld. 
Over de grasdijk langs de Veneriete trekken we verder. We staan even stil bij dijkcrocussen. Ze zijn vroeg dit jaar.
aan de boorden van het Zwarte Meer rechts af
Vermoeiend lopen
Nog zeven kilometer terwijl je de buitenrand van Genemuiden bijna kon aanraken. Met een grote boog nemen we weer afstand van ons einddoel en gaan eindelijk weer een keer naar de oude Zuiderzeekust. En dit keer ook met een plas water: het Zwarte Meer. Bij het meer buigen we af in noordoostelijke richting. Het tempo wordt rustig op het hobbelige gras. Een keer rusten op een echte stoel wordt aanlokkelijk. 
Door een maalstroom van kleine meeuwen die laag over de dijk van water naar land vliegen lopen we naar de monding van het Zwarte Water. Waarom gaan die beesten allemaal op een kluit zitten? En wie geeft het commando waarop ze allemaal tegelijk verkassen? Er komt geen antwoord terwijl het dijkgras korter wordt en de ganzenpoep toeneemt.
vlakbij de monding van het Zwarte Water in het Zwarte Meer
Genemuiden
De laatste kilometer langs het Zwarte Water naar de rand van Genemuiden passeren we modern uitgeruste boerderijen, waar de wintertijd gebruikt wordt om de erfbeplanting driftig te snoeien. In tien seconden verdwijnen dikke boomstammen in de schredder. Het moet zacht populierenhout zijn of die schredder is enorm sterk, of beiden. Wij lopen door, hier moet je niet tussen komen.
In Genemuiden wordt zo te zien niet slecht geboerd. Achter de dijk van het Zwarte Water liggen gigantische villa's. Je kunt in elk huis met gemak een compleet elftal van Sportclub Genemuiden laten bivakkeren en dan heeft elke speler een eigen kamer. Misschien kunnen alle elftallen hier wel ondergebracht worden. Ruimte genoeg. Er zal weinig deining ontstaan want nergens zien we enig leven in deze bakbeesten, bij een aantal zijn zelfs alle luiken gesloten. Tot zover onze korte taxatie en wijzigingsvoorstel voor het bestemmingsplan.
Bij de veerpont over het Zwarte Water verlaten wij de route en gaan op zoek naar de bushalte op de Overtoom. Verlaten ligt de jachthaven erbij, die wij in één doorgaande beweging passeren. We nemen geen pauze voor koffie, want de bus gaat maar eenmaal per uur. Na wat omzwervingen bereiken we de straat van de bushalte. Maar die straat heet helemaal geen Overtoom. Wat nu? Waar is de Overtoom? Geintje van Genemuiden, de bushalte is vernoemd naar het gebouw 'D'overtoom' waar we op uitkijken. Voor de rest was de haast overbodig, want de bus gaat pas over twintig minuten. 
We praten nog even met skatende meisjes van een jaar of tien, die naar deze vreemdelingen komen kijken. Het gesprek krijgt geen diepgang. Laat die bus alsjeblieft maar komen.
westrand van Genemuiden





De dagverslagen worden verzameld in de pagina