Welkom


Welkom op mijn trektochten- en wandelweblog. Na maanden van trainingswandeltochten maak ik eenmaal per jaar een trektocht. Meestal in de bergen. Het verslag daarvan zet ik op dit weblog. In 2011 heb ik er voor gekozen ook de dagwandelingen in aparte blogberichten te publiceren. Tegelijkertijd rijg ik die berichten op een afzonderlijke pagina aaneen tot een compleet verhaal. (Zie de rechter kolom). Mijn bedoelingen met deze verhalen staan te lezen in 'Over mij', hieronder in de linker kolom. Veel lees- en kijkplezier.
Groet Frans

maandag 27 januari 2020

Zuiderzeepad: wandelen van Oudemirdum naar Stavoren

Rust en eenvoud in Zuidwest Friesland

Woensdag 22 januari 2020
18 kilometer

innige bomen in de 'bosken' van Gaasterland
Eenvoud
Bij de nadering van station Stavoren trof ons de beperkte omvang en summiere aankleding. Die is wat je noemt rustgevend eenvoudig. Wij konden al snel de weg vinden op perron 1. Meer perrons zijn er niet. Normaal is zo een overzichtelijkheid mooi meegenomen, echter dit keer moesten we niet met de trein. Het wachten aan het einde van onze wandeltocht naar Stavoren was op de bus terug naar startpunt Oudemirdum. Het door ons onderkende bushokje bleek het station. Na een driehonderdzestig-graden verkenning ontwaarden we tien meter verder een bushaltepaal. 
Heerlijk deze overzichte-lijkheid. Nu nog een bus. 
Vijf minuten voor de aangegeven vertrektijd naderde een klein grijs tienpersoons-busje met het opschrift Taxibus. Zou dit hem zijn? Frank ging voorzichtig maar eens vragen. In een keer goed. Blijkbaar was dit busje als invaller ingehuurd. Er was dan ook geen in- en uitcheck-apparatuur. "Vandaag mag je gratis meerijden" zei de vriendelijke chauffeur. Goed systeem.

wandelpadenwijzer met op de achtergrond het treinhokje van Stavoren,
wel voorzien van een 1-regelige-monitor
Hij begon echter nog niet aan zijn rit. Het wachten was op de trein. Uit de twee wagons van Arriva stapten even later voornamelijk scholieren. Een ging zonder veel te zeggen automatisch voorin naast de bestuurder zitten. Blijkbaar zijn vaste plek want de chauffeur keek er niet van op. Misschien verstoorde onze aanwezigheid op de tweede bank de dagelijkse routine. Een meisje nam naast ons plaats en de overige drie jongeren gingen achter ons zitten waarmee de bus vrijwel volbeladen was.

We kregen tijdens de busrit andere delen van het kleine Stavoren te zien dan tijdens onze wandeling. Maar ook in het nieuwe buitenwijkje was het oorverdovend stil. Het meisje naast me legde uit dat de mooie nieuwe huizen in aanbouw allemaal vakantiehuizen zouden worden. In de winter staan al die huizen leeg. 
We vonden het al zo rustig in Stavoren. Geen café was er open toen wij er een half uur eerder doorheen wandelden. Gelukkig dat Frank nog een mevrouw bij restaurant 't Havenhoofd naar binnen zag glippen. Een verrassende uitzondering waar we na uren lopen onze eerste en laatste koffie van vandaag dronken.

Vroegop
"Kom je van school?" een bekende-weg-vraag aan het meisje naast mij. "Ja" was het verhelderende en vriendelijke antwoord. "Waar zit je op school?" Je wilt zo'n gesprek intensiveren. "In Leeuwarden." "Hoe lang doet de trein er over?" "Een krappe vijftig minuten." "En hoe lang is het van station Leeuwarden naar school?" Je blijft nieuwsgierig doordrukken naar de tijd-ruimtefactoren in een ander land. "Dertig minuten?" "Hoe laat sta je 's morgens dan op?" "Om halfzes" zei ze zonder vermoeid gezicht. 
Twintig minuten later vroeg ze in Warns of de chauffeur bij het café kon stoppen. Er is daar geen halte maar vaste klanten kunnen hier zo dicht mogelijk bij huis uitstappen. Zo ook even later een ander meisje dat vroeg om te stoppen bij Jongsma. Dat bleek een boerderij een paar honderd meter verder te zijn. Een praktische methode, die goed past bij dit soort reveilletijdstippen. Toch moest ik even slikken toen ik het halfzes vergeleek met acht uur, het moment waarop ik vroeger op mijn fiets naar school stapte. Andere ritmes hier. Ontzag.

Klifhangen, een uitdaging
Oudemirdumer Klif
Voordat we vanmorgen bij Oudemirdum aan de wandeling begonnen wilden Frank en ik eerst kijken bij de Oudemirdumer Klif. De wandelroute zelf komt er niet langs, maar we hadden er veel over gehoord. Met Google maps zie je op de satellietweergave drooggevallen plekken in het IJsselmeer. Dat wilden we wel eens zien en natuurlijk die steile klif. Dus eerst even met de auto naar 'De Klif'.
Misschien dat de beelden uit de spannende film Cliffhanger onze verwachtingen teveel hebben beïnvloed. Ook het heiige weer moet van invloed zijn geweest. Kijkend naar het paar meter niveauverschil hebben we nog verschillende keren om ons heen getuurd of we op de goede plek stonden. Ondieptes in het IJsselmeer bleven door het slechte zicht voor ons verborgen. Teruglopen maar naar de auto. Dat aanzicht naar het binnenland beviel ons beter. Komend van 'De Klif' zie je hoe het achterliggende weidegebied licht glooiend is. Ook later op de dag ter hoogte van Mirns geeft dat een aantrekkelijk on-fries panorama. Je waant je meer op de agrarische gebieden van de Lüneburger Heide. Mooi.
luchtwachttoren bij Oudemirsum
Bosken
Het is even wennen in de 'bosken' van Gaasterland, maar de bomen zien er net zo uit als in Holland. In bossen lopen is altijd prettig, ook in Friesland. Rust stralen die bomen uit. Al hoewel je na verloop van tijd niet meer weet welke bomen je bent gepasseerd. 
Opvallen doet wel de zogenaamde Luchtwachttoren aan de rand van het Jolderenbosk net buiten Oudemirdum. In de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw, het begin van de koude oorlog, was het een waarnemingstoren om laagvliegende communistische vliegtuigen op tijd te onderkennen en alarm te slaan. Met de structuur van open betonblokken, een soort betonnen kippengaas met grote gaten, kan je er zo doorheen kijken. Voor een waarnemer wel handig. Zo te zien te fris en gingen die waarnemers boven op een platform staan met een hoge borstwering. De toren staat niet voor niets op die plek: het is het hoogste punt van Gaasterland: 12,7 meter. Met de lengte van de toren erbij keken wachters vanaf een hoogte van 26 meter boven Normaal Amsterdams Peil. Nou en dan kun je in Friesland een eind om je heen kijken.
Hotel-Restaurant Rijster Bosch

Na een omzwerving langs een vakantiepark en speelpark werd het toeristische lintdorp Rijs bereikt. De verschillende hotel-restaurants hadden ons via internet al hun gesloten toestand uit de doeken gedaan. Dan maar een rust in een doorzonhutje zonder zon bij de ingang van het imposante Rijsterbosk. 
centrale laan in het Rijsterbosk

een mooie, breed vertakte beukenboom in het Rijsterbosk
Heb ik in het verleden geleerd dat het mos op de bomen in Nederland aan de zuid-westkant groeit, Friese bomen wijken daar vanaf. Net als de Friesen bepalen deze bomen dat zelf wel en laten het mos aan de noordkant groeien. Als ze daar gelukkig van worden dan moeten ze dat zeker doen. Er zaten wel opvallend mooi helder groen gekleurde exemplaren bij. 


Er is in dit bos meer memorabels gebeurd. In de nadagen van de Tweede Wereldoorlog werden hier tientallen V-2 raketten afgevuurd richting Londen en Antwerpen. Enkele lanceringen mislukten. Een exploderende raket beschadigde geheel toepasselijk het nabij gelegen vredestempeltje. Dit tempeltje was al in 1814 gebouwd ter viering van de vrede na de Napoleontische tijd, lees ik op de heilige binnenwand. Dat vrede kwetsbaar is blijkt wel uit de verschillende keren dat dit tempeltje moest worden herbouwd. Op de gevel de puzzel in welke jaren: 

Kliffen
Tegen het einde van het Rijsterbosk waren we zo in trance van alle bomen, dat we een markeringspijl over het hoofd hebben gezien en alsmaar verder stapten over de centrale boslaan. Daardoor misten we de afslag naar het strand van het recreatiegebiedje 't Murnser Klif. Van de tegenovergesteld richting zijn we nog wel even naar de IJsselmeerkust gelopen. Alleen maar om te kijken hoe steil deze klif zou zijn. Waarschijnlijk betekent klif in het Fries iets anders dan in het Nederlands. Kijk je voor de zekerheid op Wikipedia dan staat daar een uitleg die aansluit bij de gangbare beeldvorming: "Een klif (soms ook klip) is in de geografie een aanmerkelijke verticale, of bijna verticale, rotsverheffing." Ik gun de Friezen hun kliffen maar mensen met hoogtevrees kunnen hier prima de gevaren trotseren.
Het IJsselmeer bij 't Murnser Klif
Mirns (Murns)
Dit langgerekte dorp ligt mooi gedrapeerd tussen de IJsselmeerkust en de hoge keileemrug achter het dorp. Die vijftienhonderd meter brede rug loopt van het dorp Bakhuizen naar het Rijsterbosk en is tien tot twaalf meter hoog. Een apart gezicht in dit landschap. 
Bij binnenkomst van Mirns vanaf de Mirnser Klif valt direct de kleine begraafplaats op door de grote klokkestoel, een houten balkenconstructie met de kerkhofklok. De iets hogere ligging van de begraafplaats en de lage heg maken het een tastbaar deel van het dorp. Hier maken de overledenen als het ware nog deel uit van de gemeenschap. 
begraafplaats van Mirns met de opvallende klokkestoel
San Yndustry, Nee!
In de verspreide bebouwing van het dorpje Mirns vielen ons als tweede de protestborden op. Overal lazen we dat ze hier iets niet willen: 'San Yndustry, Nee!'. Het vertalen van 'Yndustry, Nee!' nam ik voor mijn rekening. Frank kwam met 'zand' voor 'san'. Het zou best kunnen, maar op woensdagen in januari tref je hier geen mensen op straat voor verdere assistentie. 
artist impressie van internet
In de taxibus aan het eind van de wandeling legde de chauffeur uit dat het protest gericht was tegen een industriële zandwinningsfabriek die gepland was op vijf kilometer  uit IJsselmeerkust: vijf hectare groot en volgens deze bron vierentwintig tot achtentwintig meter hoog! Wij hadden daarmee meteen beeld en geluid bij dit protest. Onder druk van de bevolking schijnt het voorstel het niet gered te hebben in de gemeenteraad. Maar de borden staan er nog. Je weet maar nooit.


de vissershaven van Laaxum
Langs de Zeereep
Een zee heeft een zeereep, de duinenrij langs de kust. Of de Zuiderzee een reep heeft gehad betwijfel ik. Eerder dijken. Dan maar dijkenstampen langs het IJsselmeer. Na Mirns komt het pad sinds vele kilometers weer echt op een IJsselmeerdijk. Acht kilometer lang tot aan Stavoren. 
Onze flauwe hoop op een onderbreking was gericht op de horeca bij de Laaxumer Haven, vier kilometer na Mirns. Van internet was al het bericht binnengekomen dat het restaurant gesloten was. Misschien dat het andere restaurant, het visrestaurant, open zou zijn. Tevergeefs. De zomerfoto's op Google maps zien er aardig en verlokkend uit, maar in januari zaten wij op een zeiltje op een van de banken onze lunchpakketten om te zetten in loopenergie. Het haventje telde wel een vissersboot, waaruit twee mannen in rubberpakken op het gemak vijf bakken met vis losten. Toch nog enig leven. Hoewel, het leven van de vissen zal spoedig lijken op de omgeving.

Stavoren
Op keken we nog even naar de Reaklif. Van onderaan de dijk heeft dat klifheuveltje nog de meeste uitstraling van de dag. Voor de rest bleef het een rustig doorlopen met aan de linker hand het grauwe water dat aan de horizon in de grijze lucht oploste en recht vooruit het groeiende woud van masten en bomen rondom de jachthaven en de camping van Stavoren. 
Om de dijk te beschermen voor zuidwesterstormen zijn er dichter bij Stavoren strekdammen aangelegd. In de oksels liggen bovenwinds kleine strandjes. Met zon en warmte moet het hier wel uit te houden zijn. 
kleine strandjes langs de Zuiderdijk bij Stavoren

Wij liepen door, passeerden de jachthaven, trokken over de Johan Frisosluis en volgden de markeringen naar het  binnenste van de stad Stavoren. De routeplanner bracht ons naar de Voorstraat,  eigenlijk twee straten met in het midden een brede sloot. Aan het einde van deze wandeling hadden we geen zin meer om het kleine stadje helemaal te bezichtigen. Dat doen we de volgende keer wel werd de afspraak. We keken meer uit naar een geopend café. Al lopend over de Voorstraat en slingerend over het Gele Plein en de Smitstraat met zijn gesloten cafés, dichte friteszaak, niet geopende pizzeria en verduisterd hotel-restaurant aan de haven, weten we niet of verdere verkenning nog nodig is.

Wel stonden we stil bij het Vrouwtje van Stavoren. Dat een klein beeld als verbeelding van de bekende sage zo'n sterk handelsmerk van een klein dorpsstadje kan zijn. Dat vrouwtje was een marketing-boegbeeld avant la lettre. Oke, misschien gaan we bij de start van de vervolgwandeling de andere straat van Stavoren ook bekijken. Om haar te plezieren.


In Stavoren woonde een rijke en hoogmoedige koopmansweduwe. Op een dag stuurde de vrouw er een schipper op uit om voor haar het “kostbaarste goed ter wereld” op te halen. De schipper nam zijn taak uiterst serieus en begon aan een lange speurtocht. Na tal van havens aangedaan te hebben, belandde hij uiteindelijk in Danzig (Gdansk) waar hij de mooiste tarwe ontdekte die hij ooit had gezien. Tevreden besloot de schipper de tarwe mee te nemen voor de koopmansvrouw. Eindelijk had hij het kostbaarste ter wereld gevonden.

Eenmaal terug in Friesland bleek zijn opdrachtgever allesbehalve blij met de opgehaalde waar. En hoewel de armen haar smeekten dit niet te doen, gaf de weduwe opdracht het waardevolle tarwe in zee te werpen. Een oude man die getuige was van de gebeurtenis wendde zich hierop tot de weduwe en sprak:

“U zult voor Uw overmoed gestraft worden! Er komt nog een tijd, dat U zult gaan bedelen!”

Schamper keek het vrouwtje van Stavoren naar de grijsaard om. Ze nam een gouden ring van haar vingers en wierp die vervolgens in zee, zeggend:

“Zomin deze ring nooit uit de zee terugkeert, zomin zal ik tot de bedelstaf vervallen.”

Korte tijd later ontdekte de dienstmeid van de vrouw de gouden ring in de ingewanden van een vis, die ze klaarmaakte voor het middagmaal. Geschrokken liet de meid de ring aan haar meesteres zien. Al snel sloeg het noodlot toe. 
Enige dagen na de vondst van de ring bereikte de weduwe het slechte nieuws dat al haar schepen waren vergaan. Het vrouwtje van Stavoren kwam die klap nooit meer te boven en zo kwam de voorspelling van de oude man uit. De haven van het stadje raakte in verval en op de zandbanken groeide het graan dat door het vrouwtje in zee was geworpen.

Het verhaal staat ook symbool voor de neergang van Stavoren vanaf ongeveer de dertiende eeuw na Christus, enerzijds door het dichtslibben van de haven en anderzijds door de verschuiving van het zwaartepunt van de handel naar het westen, met name Amsterdam. 
Ook de Franse tijd deed de haven overigens geen goed. Met de invoering van het continentaal stelsel werd handeldrijven met Engeland verboden. De vroegste geschreven verhalen over het Vrouwtje van Stavoren dateren uit de zestiende eeuw. De vroegste versies vermelden de weggegooide ring die wordt teruggevonden in een vis nog niet. De ring dook voor het eerst op in verhalen van rond 1810.



De dagverslagen worden verzameld in de pagina

2 opmerkingen:

  1. Mooi verhaal! Dat brengt herinneringen boven: op het stuk voor Stavoren liepen koeien los langs de dijk, en dus ook op het pad; er kwam een hele groep op me af, en toen heb ik (met rugzak) een spurt moeten trekken om over het hek te zijn voordat ze me bereikten; ik heb er maanden pijn in mijn knie aan overgehouden, maar daarna gelukkig geen last meer. Ik mijd op mijn wandelingen altijd de stukken waar koeien loslopen; die kunnen zo onvoorspelbaar zijn; dan loop ik liever een heel eind om. Sommige details blijven je altijd bij.
    Was in Stavoren de Kabeljauw er nog? Een van de 11 beelden in de elf steden; die was vlak bij het vrouwtje van Stavoren. Wij vonden het een bizar ding. En we vroegen ons af of die dingen er permanent zouden zijn of maar een paar jaar.
    En gaan jullie de volgende keer starten in Stavoren met een bootreisje naar Enkhuizen? Want zo gaat het pad toch?
    Groeten van Digna en veel wandelplezier!

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Beste Digna, dat zijn nog eens reacties.

    Het koeienverhaal kan ik mij levendig voorstellen. Mijn afstandelijkheid is na soortgelijke ervaringen met koeien en stieren aanmerkelijk toegenomen. zie mijn verhaal "GR 10 - 2011; Cabane de Courtal Marti - Cabane des Clarans".

    Kabeljauw? We hebben wel vlakbij het vrouwtje van Stavoren een vreemde grote vis als zgn. kunstwerk gezien. Met een grote opgesperde bek. Het leek meer een speelobject voor kinderen. Wij werden er niet warm van.
    Misschien ging het pad vroeger met de boot naar Enkhuizen. Tegenwoordig gaat het verder langs de Friese kust en dan over de Afsluitdijk naar Noord-Holland. De wandeling over de Afsluitdijk hebben we al in augustus vorig jaar gedaan. zie mijn eerder bericht.
    Nogmaals dank voor je reactie en zelf ook veel wandelplezier zonder koeien.

    groeten,
    Frans

    BeantwoordenVerwijderen